AO.com groeit in NL/D met 32 procent

De Europese omzet van online elektronicawinkel AO.com steeg vorig jaar met 32 procent tot 174 miljoen euro.

Daarmee stijgen de verkopen op het Europese vasteland sterker dan op thuismarkt Engeland. Daar groeiden de verkopen met net geen tien procent. Gisteren maakte AO.com de voorlopige jaarcijfers bekend waar dit beeld in naar voren komt (PDF).

Sinds 2014 is AO actief in Duitsland en in 2016 ging het van start in Nederland. Op deze markten bezorgt het bedrijf, net als op de thuismarkt, zelf alle de bestellingen aan huis bij klanten.

De buitenlandse activiteiten zijn tegenwoordig goed voor vijftien tot twintig procent van de totale omzet. Verhoudingsgewijs is de buitenlandse groei drie keer groter dan op de thuismarkt.

Het is nog de vraag of dat stand houdt als de Britten de EU verlaten. Het kostenpeil voor buitenlandse handel zal dan aanzienlijk stijgen. Eind vorig jaar heeft het zijn voorraden aanzienlijk vergroot om leverzekerheid te garanderen. AO geeft nog geen antwoord op de vraag of het die strategische investering wil blijven doen.

AO.com schrijft over 2018 een omzet van 900 miljoen pond. De winst (ebitda) komt naar verwachting aan de onderkant van de opgegeven bandbreedte uit. Van een winstwaarschuwing is geen sprake.

Bax Music maakt omslag naar handelsplatform

Bax Music uit Goes steekt zijn internationale muziekwinkel in een nieuw jasje en begint de voorbereidingen tot verandering in een marktplaats.

Bureau gracious is de technisch partner van Bax Music in het veranderproces. De twee bedrijven werken in scrumteams samen om zowel de voor- als de achterkant op de schop te nemen. “Een geleidelijk proces van live zetten, testen en optimaliseren”, vertelt commercieel directeur Uri Glibota van het bureau uit Den Haag.

Er wordt inmiddels gewerkt aan de eerste designontwerpen voor de voor- en achterkant. Het proces dat de winkel moet veranderen in een handelsplatform, populair aangeduid als marketplace, zal zeker een jaar duren.

Technisch gezien wordt doorgebouwd op het maatwerk waar Bax Music al langer op draait. Er wordt geen nieuw fundament gelegd. Er wordt headless gewerkt, wat inhoudt dat front- en backend heel dicht tegen elkaar aanliggen. Met behulp van microservices en API’s kunnen desgewenst eenvoudig externe diensten worden aanhaken.

Het nieuwe design is erop gericht de marktpositie van de shop van Jochanan Bax internationaal te verstevigen. Via een persbericht zegt hij: “Uit intern onderzoek van blijkt dat steeds meer consumenten aankopen doen via online marketplaces. Eén van de redenen is dat er een verschuiving plaatsvindt in de customer journey van de klant. In dat geval is de marketplace de start van de customer journey.” Daarom wil Bax een marketplace maken van zijn winkel.

Het openstellen voor derde verkopers, dat kunnen zowel winkeliers als fabrikanten zijn, gebeurt gefaseerd. “Eerst met een paar goede relaties en dan later opschalen”, zegt Glibota.

Gracious en Bax kwamen met elkaar in contact toen het TWBA\MOBILE vorig jaar de nieuwe mobiele app van de muziekwinkel hielp bouwen.

De Nederlandse en buitenlandse webwinkels van Bax Music en de fysieke winkels in Goes, Amsterdam, Rotterdam en Antwerpen doen samen een omzet van ongeveer 130 miljoen euro.

Ondernemer Bax zelf wilde niet de gelegenheid nemen de geplande transformatie van zijn bedrijf mondeling toe te lichten aan deze uitgave.

110 miljoen euro groeigeld voor ManoMano

De Europees werkende doe-het-zelf-site ManoMano heeft 110 miljoen euro groeigeld opgehaald. De leiding wil de marktpositie van zijn webwinkel en handelsplatform verstevigen.

In Nederland is ManoMano geen bekende naam, maar dat ligt anders in de ons omringende landen. Daar is het een serieus alternatief voor de doe-het-zelf-ketens op industrieterreinen. De Fransen realiseerden afgelopen jaar een omzet van 450 miljoen euro, voornamelijk op de thuismarkt. Ze zijn van plan de verkopen per eind 2020 te laten eindigen op een miljard.

De investering van Eurazeo Growth, Aglaé Ventures, Bpifrance, CM-CIC, Partech, Piton en General Atlantic moet helpen de groeiambities te realiseren. In eerdere rondes haalde ManoMano 76 miljoen euro op.

De digitale doe-het-zelver is actief in Frankrijk, België, Duitsland, Engeland, Italië en Spanje. Europa’s grootste markten. De sites verwerken maandelijks twintig miljoen bezoeken en huisvesten, naar eigen zeggen, 2,5 miljoen actieve klanten.

Behalve geografische expansie investeert de vijf jaar oude onderneming ook in platformfuncties voor fabrikanten. Net als bijvoorbeeld Amazon en bol.com wil ManoMano ook fulfillmentdiensten gaan aanbieden aan fabrikanten en andere verkopers.

Vijf miljoen Nederlandse consumenten winkelen online over de grens

Vorig jaar kochten vijf miljoen Nederlandse consumenten online producten en diensten in het buitenland. Samen gaven zij 880 miljoen euro uit bij buitenlandse webshops, zo blijkt uit cijfers van de Thuiswinkel Markt Monitor, het onderzoek naar online consumentenbestedingen in Nederland.

De 5 miljoen betekent een groei van 32 procent ten opzichte van 2017, toen dit er nog 3,8 miljoen waren. Vooral binnen de productcategorieën kleding, schoenen en personal lifestyle, IT en speelgoed is het aandeel van cross-border shoppers binnen alle online kopers flink gestegen.

Het aantal online bestedingen is daardoor toegenomen van 765 miljoen naar 880 miljoen. Andedrs gezegd: 3,7 procent van alle online bestedingen loopt via een anderstalige website.

In andere landen ligt het aandeel van cross-border bestedingen overigens wel hoger, soms wel in de tientallen procenten. Nederlandse consumenten hebben nog steeds een sterke voorkeur voor de webwinkels in eigen land.

Net als in voorgaande jaren blijft China de populairste bestemming van Nederlandse consumenten die online over de grens shoppen. Van alle cross-border uitgaven gaat 31 procent naar een Chinese webshop, terwijl dit voor Duitsland 17 procent en voor Groot-Brittannië 15 procent is.

Kijken we alleen naar de bestedingen aan producten, dan ligt het aandeel van Chinese webshops met 47 procent nog een stuk hoger. Aan de andere kant zoeken de Nederlandse consumenten het bij de aankoop van diensten dichter bij huis: 18 procent van de cross-border uitgaven gaat naar Britse webshops en 14 procent naar onze oosterburen.

‘Amazon verstevigt greep op Nederlandse markt’

Amazon verstevigt mogelijk deze zomer al zijn greep op de Nederlandse markt. Dat vertelde Tim van der Bilt van Maze One donderdag op Emerce eRetail in Bussum. Van der Bilt baseert zich op geluiden uit het circuit en eigen observaties. Amazon Prime Day zou weleens de officiële start kunnen worden.

De Amerikaanse retailer richt zich al enige tijd op de Nederlandse markt, maar alleen vanuit Duitsland. Niettemin zijn al zo’n 2 miljoen productpagina’s in het Nederlands vertaald. Bestellingen die vanuit Duitsland worden verzonden komen vaak over enkele dagen aan. Ook de ondersteuning is nog niet in het Nederlands. Toch bestellen al heel wat Nederlanders bij Amazon, waarmee het bedrijf in de Nederlandse Top 10 van online retailers staat.

Van der Bilt – zijn bedrijf adviseert retailers met content en zoekmachine optimalisatie op marktplaatsen als Amazon en bol.com – denkt dat de komst van Amazon op de Nederlandse markt een grote impact zal hebben. “Amazon zit met zijn prijzen structureel onder die van Nederlandse spelers, maar veel Nederlanders weten dat nog niet omdat ze er niet rondkijken. De grote vraag is wat er gebeurt als grotere groepen consumenten dat doorkrijgen.”

Van der Bilt heeft opgevangen dat er een groot marketingoffensief in het verschiet zit. Daarnaast bouwt Amazon sinds vorig jaar een nieuw distributiecentrum aan de grens met Nederland in Mönchengladbach. Dat nieuwe dc wordt naar verluidt voorzien van vergaande robotisering. Mönchengladbach is al langer in trek bij grote e-commerce spelers. Zalando en Esprit zijn er ook gevestigd. Het dc zou kunnen zorgen voor snelle leveringen aan Nederland.

De introductie van betalen met iDeal en de Nederlandse lancering van het Prime Day zijn eveneens indicaties dat Amazon de Benelux nu serieus gaat nemen.

Ook zou Amazon met diverse fabrikanten onderhandelen, onder meer over de verkoop van speelgoed.

Er zijn meer bedreigingen. Het is al vaak voorgekomen dat Amazon eigen producten in de markt zet, veelal kopieën van successen van derden. Het originele product maakt dan vaak geen kans meer.

Toch ziet Van der Bilt ook volop kansen. “Vroeger moest je als retailer flink investeren als je in het buitenland wilde actief wilde worden. Tegenwoordig kun je beter via Amazon verkopen. Het bedrijf verzorgt in principe alles dat je nodig hebt. Het mooie is dat je ook gelijk volume hebt.”

Erotiekketen Christine le Duc – Audrey van Ham (foto boven) sprak namens het bedrijf gisteren ook op Emerce Retail – heeft voor deze route gekozen. Samen met Maze One start het Nederlandse bedrijf met de verkoop in Frankrijk. Bang voor concurrentie van Amazon is het bedrijf niet. “We gaan ervan uit dat consumenten afgaan op merkwaarde”.




 

Vente Privée staakt Engelse activiteiten

Vente Privée staakt voor onbepaalde tijd zijn Engelse activiteiten. Het wordt niet met zoveel woorden benoemd, maar de onzekerheid over de brexit lijkt de aanleiding tot de beslissing.

“Helaas nopen de huidige economische onzekerheden ons ertoe om onze activiteiten te staken”, vertelt het bedrijf na elf jaar op de Engelse markt. Morgen gaat de site op zwart.

Het besluit van het management komt vrij onverwachts, want het Engelse filiaal plaatste afgelopen week nog een vacature voor een sales director.

Wat voor CEO Jacques-Antoine Granjon (foto) de doorslag gaf om de Engelse tak te sluiten is niets bekend. Het is niet ondenkbaar dat de Fransen de handdoek in de ring werpen omdat ze niet kunnen plannen met een harde brexit in het vooruitzicht. Dat geldt niet enkel voor inkoop en douanezaken maar ook over prijsconcurrentie en snelheid van levering. Simpel gesteld: het kan geen zekerheden geven over snelle levering tegen de lage prijzen waarmee het bedrijf schermt.

Vente Privée, dat sinds eind januari VeePee heet, is actief in dertien landen met flashsales. De besloten webshop heeft een constant roulerend assortiment van zesduizend merken. Daarover communiceert het hoofdzakelijk per e-mail. Klanten slaan aan op de kortingen van vijftig tot zeventig procent. Dat zijn niet zelden restvoorraden maar ook exclusives. De Europees werkende winkel heeft naar eigen zeggen vijftig miljoen leden. In 2018 realiseerde het een bruto omzet van 3,7 miljard euro.

Foto: LeWeb (cc)

Thuiswinkel.org: Nieuwe richtlijnen zorgen nog niet voor open e-commercemarkt

Thuiswinkel.org is niet helemaal tevreden met de overeenstemming die onderhandelaars van de Europese Raad en het Europese Parlement hebben bereikt over de invulling van twee belangrijke richtlijnen binnen de e-commercesector: voor de verkoop van tastbare goederen en voor de verstrekking van digitale inhoud.

De betreffende richtlijnen zijn van groot belang voor de Europese e-commercemarkt. Hierin worden namelijk regels en voorschriften vastgelegd die gelden voor bedrijven die (on- of offline) producten verkopen of die digitale inhoud aanbieden aan consumenten.

Ecommerce Europe, de Europese koepelorganisatie waar Thuiswinkel.org lid van is, vindt het terecht dat er binnen de Europese Unie geharmoniseerde en op elkaar afgestemde regels komen voor de verkoop van tastbare goederen en digitale inhoud aan consumenten. Aan de andere kant is het spijtig dat de twee richtlijnen niet voorzien in volledige harmonisatie van de Europese markt. Hierdoor blijft het verkopen aan consumenten in andere landen lastig omdat de lidstaten op belangrijke gebieden (de wettelijke garantietermijn, de termijn voor omkering van bewijslast) de richtlijnen nog mogen aanpassen of afwijkende en verschillende bepalingen mogen blijven hanteren.

Thuiswinkel.org is vooral niet blij met de verlenging van de termijn voor omkering van de bewijslast. ‘Dit is voor Nederlandse webshops een verdubbeling van de termijn, aangezien deze nu zes maanden bedraagt’, zegt Vincent Romviel, jurist bij Thuiswinkel.org. Consumenten kunnen nu tot een jaar na levering terugkomen met een gebrekkig product, terwijl de retailer dan moet kunnen bewijzen dat het niet om een productiefout gaat.

  • Richtlijn verkoop van tastbare goederen
    • Ingebouwde software valt onder de regels voor tastbare goederen.
    • De wettelijke garantie is twee jaar maar lidstaten mogen afwijken en een langere termijn handhaven of introduceren.
    • De termijn voor omkering van de bewijslast als het product niet voldoet, wordt één jaar vanaf levering. Lidstaten mogen echter een termijn van twee jaar handhaven of introduceren.
    • Naast de wettelijke garantie voor producten die niet voldoen, introduceert de Richtlijn ook een duurzaamheidsgarantie voor consumenten.
    • De verkoper heeft regres op voorschakel indien hij door de consument wordt aangesproken als het product niet voldoet. De lidstaten bepalen zelf de regels wie in de schakel waarvoor aangesproken kan worden.
  • Richtlijn verstrekking van digitale inhoud     
    • Onder het bereik van de richtlijn valt alleen ‘pure’ digitale inhoud zoals het streamen en/of downloaden van films, audio, games en programma’s.
    • De consument heeft recht op reparatie of vervanging van digitale inhoud die niet naar behoren werkt. Mocht dit niet tot een oplossing leiden, dan kan hij de koopsom terugvorderen.
    • De verkoper is minimaal twee jaar aansprakelijk voor digitale inhoud die niet voldoet, al mogen de lidstaten een langere termijn bepalen.
    • Langetermijncontracten (zoals abonnementen) vallen niet onder deze richtlijn.
    • De verkoper heeft regres op voorschakel indien hij door de consument wordt aangesproken omdat de digitale inhoud niet voldoet. De lidstaten bepalen zelf de regels wie in de schakel waarvoor aangesproken kan worden.

EU-webwinkels zetten ruim 400 miljoen om in Nederland

Nederlandse consumenten kochten in het derde kwartaal van 2018 voor ongeveer 406 miljoen euro (exclusief btw) bij buitenlandse webwinkels in de Europese Unie. Dat is 14 procent meer dan in het derde kwartaal van 2017. Dit meldt het CBS op basis van lopend onderzoek.

In de eerste drie kwartalen van 2018 bedroegen de verkopen van Europese webwinkels aan Nederlandse consumenten in totaal 1,253 miljoen euro. Dit is bijna 16 procent meer dan in dezelfde periode van 2017. In de eerste drie kwartalen van 2014 was de omzet van Europese webwinkels aan Nederlandse consumenten 555 miljoen euro.

De internetverkopen van in Nederland gevestigde webwinkels lagen in de eerste drie kwartalen van 2018 bijna 19 procent hoger dan in dezelfde periode een jaar eerder.

Pure webwinkels (zonder fysieke vestigingen) in Nederland zetten in de eerste drie kwartalen ruim 14 procent meer om. Bij Nederlandse detailhandelsbedrijven met zowel een fysieke winkel als een webwinkel waren de internetverkopen 26 procent hoger. De totale omzet van de Nederlandse detailhandel was in de eerste drie kwartalen van 2018 ruim 3 procent hoger.

De aankopen van Nederlanders bij Europese webwinkels vormen een relatief klein deel van de consumptieve bestedingen. In 2017 ging het om nog geen 2 procent van de totale detailhandelsomzet in Nederland. Het verschil tussen Nederlandse en buitenlandse webwinkels is voor een consument niet altijd goed te zien. Webwinkels zijn veelal in meerdere talen opgemaakt en buitenlandse webwinkels kunnen een Nederlandse versie hebben.

Brexit chaos schept ook onduidelijkheid voor webwinkels

De historische nederlaag voor premier May gisteren in het Britse parlement brengt helaas geen duidelijkheid over wat er met de Brexit gaat gebeuren. Ook niet voor de e-commerce sector. Een no-deal of harde Brexit zou zeer nadelig voor de sector kunnen uitpakken.

‘Belangrijkste prioriteit is nu te voorkomen dat deze situatie uitdraait op een chaotische no-deal Brexit waar burgers en bedrijven keihard de dupe van worden. Als dat helpt om tot een deal te komen waar iedereen mee kan leven, moet er uitstel van Brexit komen’, aldus VNO-NCW en MKB-Nederland in een gezamenlijke verklaring.

Er staat nogal wat op het spel, juist voor de e-commerce sector. De e-commerce omzet is in Groot-Brittannië significant hoger dan in andere Europese landen en belangrijk voor de retail en de handel binnen de Europese landen. Een no-deal Brexit zou serieuze knelpunten kunnen veroorzaken in de pakketzendingen tussen Groot-Brittannië en de EU, wat de retail en de e-commerce schade toe zou brengen.

Vorige week nog tekende mede namens Thuiswinkel.org koepelorganisatie Ecommerce Europe een gezamenlijke verklaring om de pakkettenstroom tussen de EU en het VK op gang te houden.

Zo moeten er volgens Ecommerce Europe afspraken gemaakt worden over goederentransport, vereenvoudigde processen bij de douane en veiligheidsmaatregelen. In het geval van een ‘no-deal Brexit’ zullen Europese en Britse consumenten en MKB bedrijven uiteindelijk de economische lasten dragen. De onderhandelaars over het toekomstige handelsakkoord tussen de EU en het VK zullen moeten waarborgen dat cross border retail zoveel mogelijk onder dezelfde condities kan blijven plaatsvinden als in de Europese interne markt, zegt Ecommerce Europe.

Eind december adviseerde Thuiswinkel.org zijn leden nog om iedereen die naar de VK exporteert ‘alvast zijn zaken te regelen’, omdat sommige aspecten wat tijd vergen. De wachttijden bij de grens kunnen bijvoorbeeld langer worden en bedrijven krijgen te maken met douaneformaliteiten. Het kan dus zomaar zijn dat webwinkels producten niet meer binnen 24 uur kunnen leveren.

De keuze van de Britten om de Europese Unie te verlaten had toch al grote gevolgen. Meer dan 50 procent van de export van Britse online bedrijven gaat naar landen in de EU. Daarnaast wordt verwacht dat met het sluiten van de grenzen goedkoper personeel uit bijvoorbeeld Oost Europa niet meer beschikbaar zou zijn, wat met name voor fulfillment centers nadelig kan zijn.

Voor Nederlandse webwinkels zou het onder Brexit (aanzienlijk) duurder kunnen worden om bestellingen te versturen naar Britse consumenten dan naar klanten in andere EU-landen.

Thuiswinkel waarschuwde eerder ook dat producteisen zouden kunnen veranderen na de Brexit. Zo kan het zijn dat de algemene en de specifieke EU-producteisen, zoals CE-marketing, niet meer gelden in het Verenigd Koninkrijk na de Brexit.

Er zijn meer zorgen. Een wanordelijke Brexit heeft volgens ABN AMro onder meer als nadelig gevolg dat de productaansprakelijkheid naar de importeur verschuift, aangezien de Britse producent niet langer in de EU zetelt. Exporteurs krijgen te maken met twee douanes: naast de Nederlandse ook de Britse.

Zelfs voor bedrijven die niet direct met het VK handelen, kan een wanordelijke brexit negatief uitpakken. Toeleveranciers van deze bedrijven kunnen namelijk wel handelsbanden met het VK hebben. Dit kan leiden tot langere levertijden en hogere prijzen van de te leveren waar.

Het meest kwetsbaar van alle sectoren is volgens ABN Transport & Logistiek. Transportbedrijven krijgen bij een harde Brexit te maken met extra administratieve rompslomp. Op dit moment zijn voor export naar het VK volgens de Nederlandse douane twee of drie documenten nodig. Dat worden er dan minimaal zeven. Een wanordelijke Brexit betekent bovendien de terugkeer van grenscontroles. Een gemiddelde ferry bevat 5,5 kilometer aan vrachtwagens, 300 personenwagens en 1.200 passagiers. De wachtrijen die kunnen ontstaan zijn een groot risico voor transporteurs van bederfelijke waar en voor just-in-time-leveranties.

EU-landen heffen geen invoertarieven op elkaars producten. Bij een no deal hanteert de EU na 29 maart invoerrechten op Britse producten zoals vastgesteld door de Wereldhandelsorganisatie (WTO) en doen de Britten hetzelfde voor EU-producten.

Parfumado: ‘Begin 2019 naar Duitsland’

“Het is niet ons doel om de gevestigde orde van de troon te stoten, maar een innovatie binnen de parfumindustrie is hard nodig,” vindt Martijn van Rooy, oprichter van Parfumado. De startup laat Nederlandse en Belgische consumenten op abonnementsbasis kennismaken met een groot aantal merkparfums. “Het ledenaantal groeit bizar hard.”

Hoewel er jaarlijks honderden – zo niet duizenden – geurtjes uitkomen, zijn er maar een paar merken die de parfumindustrie wereldwijd domineren. Als nichespeler is het knap lastig om de consument te bereiken, aangezien zij nauwelijks geld uitgeven aan een merk dat ze niet kennen. Door merkparfums in reisflacons van acht milliliter aan te bieden, wil Parfumado de drempel wegnemen om eens iets nieuws te proberen.

Stapsgewijs, maar gestaag andere landen veroveren

Tot dusver is de startup, die ruim een jaar actief is, de enige met deze werkwijze. Ook in de rest van Europa zijn er volgens Martijn amper vergelijkbare concepten. Het bedrijf richt zich vooralsnog op de Nederlandse en Belgische markt, Duitsland staat voor het eerste kwartaal van 2019 op de planning. “We zijn nu uniek, maar je weet nooit hoe de branche zich ontwikkelt.”

Mede door het idee dat de concurrent ook niet stilzit, is Martijn erop gebrand om nog sneller stappen te maken. In België, waar Parfumado nu ruim een half jaar actief is en enkele duizenden abonnees heeft, valt nog veel te winnen. Ook in andere landen ruikt Martijn kansen. “We beginnen met Duitsland. Zodra we daar voet aan de grond hebben, willen we stapsgewijs andere landen veroveren.”

Netflix van de parfums

Om zowel uit te breiden in het buitenland als het platform verder te optimaliseren, besloot Parfumado eerder dit jaar een crowdfunding-campagne te lanceren. Het opgehaalde bedrag van 175.000 euro werd onder meer gebruikt om een AI-tool te ontwikkelen. In combinatie met de verzamelde gebruikersdata kan de tool, op basis van geurnoten en -families, heel gericht inschatten welke parfums in de smaak vallen. Ook leert het algoritme van klantbeoordelingen, waardoor het steeds betere aanbevelingen kan geven. “We zijn de Netflix van de geurtjes.”

Een belangrijke voorwaarde om de AI-tool als reukorgaan in te kunnen zetten, is het hebben van voldoende data. Maar dat is volgens Martijn geen probleem. “We hebben een waanzinnig eerste jaar gedraaid, met bizarre groeiresultaten.”
Enkele maanden geleden nam hij zich voor om 2018 af te sluiten met minimaal 10.000 abonnees. “Deze mijlpaal is vroegtijdig bereikt en de drukste periode van het jaar moet nog komen.”

Maandelijks ruim duizend nieuwe abonnees

Hoewel Parfumado hoofdzakelijk inkomsten genereert vanuit abonnementen, is het sinds kort ook mogelijk om giftboxes, giftcards en losse travelcases te bestellen. Om alle verschillende in- en verkoopstromen in goede banen te leiden, maakt de startup vrijwel vanaf het begin gebruik van Exact Online. “We hebben het even zonder boekhoudprogramma geprobeerd, maar dat werd al snel een rommeltje.”

Waar de meeste spelers vooral veel uitgaande orders hebben, heeft Parfumado niet alleen een groot aantal abonnees maar ook diverse leveranciers waarmee het samenwerkt. “We hebben een aanbod van bijna 350 parfums, die bij verschillende labels vandaan komen. Exact Online voor Handel ondersteunt ons hierin.”

Naast een snelle verwerking van de debiteurenadministratie wordt het boekhoudpakket dan ook hoofdzakelijk ingezet om de inkoopfacturen meteen op de juist grootboekrekening te kunnen boeken.

In combinatie met de parfumkalender, waarop de abonnee aangeeft welk geurtje hij per maand wenst te ontvangen, kan dan nauwkeurig de beschikbare voorraad worden gemonitord. Gezien het ledenaantal én de aanwas van meer dan duizend nieuwe abonnees per maand, is dit volgens Martijn een must. “Ik had niet verwacht dat het concept zó snel door zo veel mensen zou worden opgepikt. Maar we zijn er nog lang niet: het ultieme doel is om uit te groeien tot het nummer 1 bestemmingsplatform voor parfums in Europa.”

Walmart begint Japanse webwinkel met Rakuten

Walmart heeft zijn eerste e-commerce winkel in Japan geopend, samen met internetreus Rakuten. Sinds januari werken de partijen al samen op het gebied van e-readers en audioboeken en vanaf oktober zijn de partners ook betrokken bij een boodschappendienst Seiyu Netsuper.

Via de webwinkel worden 1200 typisch Amerikaanse producten verkocht: van kleding tot speelgoed. De fulfillment wordt verzorgd vanuit de VS en de bestellingen worden per vliegtuig vervoerd. Rakuten verzorgt in Japan de ‘last mile’.

Tot nu toe heeft het Amerikaanse warenhuis niet echt voet aan de grond kunnen krijgen in Japan. Eerder dit jaar ontkende het bedrijf dat het afstand wilde nemen van Seiyu GK, een supermarkt die het al sinds 2007 in handen heeft.

Dit zijn de drie fasen voor succesvolle crossborder e-commerce

Ruim de helft van de snelst groeiende internationaal georiënteerde bedrijven verkoopt via een eigen webshop én marketplaces. Opvallend is dat het snelstgroeiende Crossborderbedrijf, de nummer één in de CrossBorder Top 30, DisQounts International, de groei realiseerde met enkel de verkoop via marketplaces en dealsites. Dit zijn de fasen die succesvolle internationale verkopers doorlopen.

Wat is dé internationale succesformule? Dat wil natuurlijk iedereen weten. Een manier om hierachter te komen is te leren van succesvolle bedrijven. Wat is het geheim van de snelstgroeiende bedrijven uit de CrossBorder Top 30 en de winnaar van de CrossBorder Award? Verkopen via marketplaces is dus zeker één van de succesfactoren voor het verkopen over de grens. Logisch, want via marketplaces bereik je gemakkelijk consumenten in andere landen. Een webshop is wel belangrijk wanneer je een merk wilt opbouwen. Dat doet bijvoorbeeld FatBoy, winnaar van de CrossBorder Award voor de beste internationale marketingcase. Wat je ook kiest; marketplaces, eigen webshop of een combinatie, er zijn drie duidelijke fases te onderscheiden die internationale e-commercebedrijven doorlopen.

1. Het begint met België

België is het land waar vaak de eerste internationale stap wordt gezet. Alle CrossBorder Top 30-bedrijven zijn, in meer of mindere mate, actief bij onze zuiderburen. Logisch, want met zeven miljoen online shoppers en bijna tien miljard euro e-commerce-omzet is dit een interessante eerste afzetmarkt, waar je relatief snel kunt starten vanwege het grote Nederlandse taalgebied.

Net als in de thuismarkt, is Bol.com in België voor veel Nederlandse bedrijven de eerste marketplace waar zij producten aanbieden. Met de SEO van de .nl-webshop doen bedrijven direct mee op Google.be en wordt vooral met Nederlandstalige CPC en affiliate campagnes gewerkt. Dit kan eenvoudig vanuit de bestaande Nederlandse infrastructuur worden opgezet. Wat betreft lokalisatie verandert er nauwelijks wat ten opzichte van de Nederlandse webshop. Wel wordt de populairste betaalmethode Bancontact/Mister Cash toegevoegd en de logistiek op België aangepast. Wat verder opvalt bij bedrijven met een webshop is dat 88 procent internationale verzending aanbiedt, maar dat slechts dertien procent van de van de aankopen uit het buitenland komt.

2. Uitbreiden en lokaliseren

De meeste top 30-bedrijven zijn met name actief binnen Europa. Na België is Duitsland het populairst, gevolgd door Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Via marketplaces kun je monitoren of jouw producten aanslaan buiten je thuismarkt. In verhouding tot het opzetten van een compleet gelokaliseerde en vertaalde webshop is het aanbieden van je producten op internationale marketplaces relatief eenvoudig.

Natuurlijk moet je je assortiment vertalen en investeren in de vindbaarheid op de marketplace, maar je hoeft de consumenten niet naar het platform te trekken. Amazon is internationaal het interessantst voor Nederlandse bedrijven en relatief gemakkelijk aan te sluiten. In Duitsland zijn Amazon en eBay verantwoordelijk voor 66 procent van de e-commerce-omzet.

Andere populaire marketplaces zijn eBay, Cdiscount, Otto, La Redoute en Real.de. Verkopen je producten goed via marketplaces, dan kun je besluiten om een gelokaliseerde webshop op te zetten. Je weet immers dankzij de verkopen op de marketplace wat je topproducten zijn. De productpagina’s voor die producten moet je SEO optimaliseren en pushen via SEA en social media. Zo versterken de marketplaces en je eigen webshop elkaar.

Het grootste struikelblok voor de internationale consument is de Nederlandse taal. Voor internationaal succes moet je uitbreiden en lokaliseren. De webshops van de crossborderbedrijven zijn het vaakst opgezet in het Duits, Frans en Engels. De keuze voor deze landen komt niet zomaar uit de lucht vallen. Met een Duitstalige webshop bereik je een groot deel van Oostenrijk en Zwitserland, in het Frans bereik je Wallonië en Luxemburg. Engels, voor het Verenigd Koninkrijk, is wereldwijd het meest geaccepteerd.

In Europa bereik je potentieel 445.7 miljoen e-commerce-consumenten. Bij internationale expansie speelt lokaliseren een belangrijke rol. Naast een goede seo-geoptimaliseerde vertaling moet je rekening houden met de verschillende verzend- en betaalmethodes, keurmerken en juridische specificaties in een land. Hoe meer het lijkt alsof je webshop daadwerkelijk uit het land van de consument komt, hoe groter het vertrouwen is, hoe eerder de consument koopt.

Het hebben van een internationale webshop is één ding, de consument moet je vervolgens wel vinden. Dat vraagt om een investering in performance marketing. Het is een uitdaging om in buitenlandse markten een marktaandeel te veroveren bij Google, Google Shopping of social media. Door de lage naamsbekendheid en het niet hebben van jarenlange geoptimaliseerde CPA-campagnes zijn de kosten per nieuwe klant vaak een stuk hoger dan in de thuismarkt. Daarnaast ontbreken de ‘gratis’ kanalen zoals goede SEO-posities (lage backlink autoriteit), een grote e-maildatabase en direct verkeer naar de website. De meeste top 30-bedrijven realiseerden internationale groei met hun eigen webshop door native speakers aan te nemen of door de marketing uit te besteden aan gespecialiseerde bureaus.

3. Merkopbouw en focusmarkten

Als je met performance marketing het eerste spreekwoordelijke plafond bereikt dan gaan de bedrijven over op merkopbouw in hun focusmarkten. Dat zie je duidelijk terug bij de inzendingen voor de CrossBorder Award, de prijs voor de beste internationale marketingcampagne. De genomineerden voor de Award gaven allemaal aan dat de marketingbudgetten van offline naar digital zijn verschoven. In een enkel geval werd de campagne ondersteund met zichtbaarheid rondom relevante programma’s op TV.

De genomineerde CrossBorder Award bedrijven – Eurail, Amsterdenim, Body & Fit, NorthSails en Fatboy – startten met een creatieve videocampagne rond hun product. Ondanks dat de bedrijven vijf totaal verschillende producten en doelgroepen hebben, is de aanpak redelijk gelijk; verspreiding van de boodschappen ging voor een groot deel via Youtube, programmatic Display en social media.

FatBoy werd door de jury uitgeroepen tot winnaar van de CrossBorder Award 2018. FatBoy laat met de Lamzac-campagne zien dat effectieve productmarketing een heel effectieve manier is om de e-commerce omzet te boosten in Europa. Tijdens de Lamzac-campagne konden mensen de ‘The Laziest Job’ winnen. Een maand lang roadtrippen en chillen met twee of drie vrienden. Daarvoor moesten mensen zich aanmelden. Hiermee creëerde Fatboy veel awareness en user generated content. De Lamzac werd enthousiast ontvangen in Duitsland, Frankrijk, Italië en Spanje.

De eerste quick-win om crossborder te verkopen: start met marketplaces en stel je webshop open voor de Belgische klant. Via marketplaces zoals Amazon kun je monitoren of jouw producten aanslaan buiten je thuismarkt. Aan de hand daarvan kun beslissen in welke landen je een webshop gaat opzetten. Wanneer je kiest voor Europese verzending, zorg er dan voor dat je website vertaald en gelokaliseerd is met passende bezorg- en betaalmethodes, zeker voor key markets. Als je internationale webshop goed is opgezet dan kunt je gaan investeren in merkopbouw. Met een goed doordachte marketingcampagne rondom een product met PR-waarde kun je met een relatief klein budget al veel bereiken. Als je actief bent met een eigen webshop en op de grootste marketplace in een land, versterkt dat je marktpositie.

McKinsey: vier mythes over Chinese toeristen

China is nu al de grootste markt voor uitgaand toerisme geworden. Reisorganisaties, hotels en verkeersbureaus die de lucratieve Chinese toerist willen lokken, moeten oppassen dat ze niet in een aantal hardnekkige mythes trappen, waarschuwt McKinsey.

De verwachting is dat de groei van het uitgaande toerisme doorzet met dank aan hogere inkomens, meer reiservaring, soepeler visumregels, toegang tot online reisinformatie en een betere bereikbaarheid per vliegtuig. In 2020 zullen de bestedingen van Chinese internationale reizigers zijn gegroeid tot 160 miljoen dollar. Hoe pik je daar een graantje van mee als reisbranche? McKinsey onderzocht de behoeften van de Chinese doelgroep en prikt op basis daarvan een aantal vooroordelen door.
Mythe 1: Chinezen willen alleen maar winkelen
Chinese toeristen vinden de beleving belangrijk. Ze willen dus niet alleen luxe winkels bezoeken en ook niet alleen Chinees eten. Ze zijn juist geïnteresseerd in fine dining. Van doorslaggevend belang bij de keuze van een reisbestemming zijn de natuur, een uitstekende prijs-kwaliteitverhouding en familievriendelijke accommodaties.
Mythe 2: Chinezen willen alleen de bekende attracties zien
Volgens McKinsey is het niet meer zo dat Chinese bezoekers alleen geïnteresseerd zijn in de geijkte toeristische hoogtepunten van een bestemming. Ze willen een lokale beleving (61 procent). Zeven op de tien reizigers zeggen op vakantie te gaan om zichzelf weer op te laden. De keuze van de reisbestemming hangt daar dan ook mee samen en niet of er bekende attracties te bezoeken zijn.
Mythe 3: Zo kort en zo dichtbij mogelijk op vakantie
Chinese toeristen geven niet langer de voorkeur aan korte trips dichtbij huis. Ofschoon Hongkong en Macau de populairste bestemmingen zijn, signaleert McKinsey dat intercontinentale reisdoelen snel aan populariteit winnen. De verwachting is dat de VS, Europa en Australië de komende jaren marktaandeel gaan afsnoepen van binnenlandse reisbestemmingen. Volgens McKinsey is dit een logisch gevolg van het groeiende zelfvertrouwen van de Chinese reizigers. Zodra zij eenmaal een leuke internationale reis hebben gemaakt, smaakt dat naar meer en verder.
Mythe 4: Pakketreizen worden minder populair
Je zou denken dat meer ervaren reizigers zelf hun vakantie gaan samenstellen en boeken. Dat is niet het geval, stelt McKinsey. De Chinese doelgroep maakt nog steeds graag gebruik van pakketreizen, alleen willen ze die aan kunnen passen aan hun behoeften. Groepsreizen zijn vooral geliefd bij de oudere doelgroep: 30 procent van de zestigplussers neemt hieraan deel vergeleken met 4 procent van de 20- tot 24-jarigen.

BlaBlaCar koopt Franse busmaatschappij

BlaBlaCar neemt de busdivisie Ouibus van de Franse spoorwegen over. Klanten kunnen dus voortaan kiezen of ze op lange afstanden willen carpoolen of de bus nemen. Het is niet bekend wat BlaBlaCar neertelt voor Ouibus.

Eerder deed BlaBlaCar een test met Ouibus op een aantal routes in Frankrijk. Het platform bood niet alleen carpoolopties aan, maar ook de mogelijkheid om de bus te boeken. Dat beviel kennelijk goed. Ouibus bedient driehonderd steden in Europa en vervoert jaarlijks zo’n 12 miljoen passagiers. De intentie is om het aantal busverbindingen uit te breiden. Overigens is Ouibus tot nu toe verliesgevend.

SNCF investeert 101 miljoen euro in BlaBlaCar, dat 65 miljoen gebruikers heeft in 22 landen, waaronder Nederland.

‘Maak gebruik van de bestaande Chinese expertise’

Het linken van retailers en merken aan makers van innovatieve technologische oplossingen, dat is de missie van David Li, oprichter van Shenzhen Open Innovation Lab. Hij stelt dat cross-border samenwerking tussen de maakindustrie in de Chinese miljoenenstad Shenzhen en Europese ondernemers grote kansen biedt aan beiden.

In Shenzhen wordt negentig procent van alle elektronica ter wereld gemaakt en 87 procent van alle mobiele telefoons. Er zijn veel gespecialiseerde producenten die niet afhankelijk willen zijn van de bestellingen van een paar megaspelers. Om kleinere orders binnen te halen is David Li het Shenzhen Open Innovation Lab gestart, een platform waar makers en opdrachtgevers elkaar vinden. “E-commerce is de afgelopen tien jaar heel hard gegroeid op de binnenlandse Chinese markt, zie het succes van Alibaba/Taobao. Maar voor Shenzhen zijn met name de kansen voor cross-border e-commerce heel interessant,” zegt Li. “Sinds vijf jaar zijn we daar actief mee bezig. We verkopen in Shenzhen geproduceerde goederen op internationale markten. Dat was eerst vooral de VS maar we willen meer. Het is uitgegroeid tot een business van tien, vijftien miljard dollar. Het volgende gebied dat volgens ons grote kansen biedt is Europa.”

Li stelt dat e-commerce in Europa onderontwikkeld is. “We zoeken ondernemers die de kans willen grijpen om e-commerce in Europa en de producten van Shenzhen te combineren tot een nieuw verhaal. Wij helpen die ondernemers bij het ontwikkelen van hun business, met name op het gebied van smart speakers, AR, VR, slimme brillen en alle andere hardware die de volgende internetgeneratie gaan vormen.”

Als voorbeeld van hoe zo’n samenwerking gaat, noemt Li een Duits bedrijf dat een tracker voor honden wilde verkopen. Het bedrijf was acht maanden tevergeefs met de ontwikkeling daarvan bezig geweest. In Shenzhen was er een ontwerp beschikbaar dat perfect paste en binnen tweeënhalve week was de eerste lading onderweg naar Duitsland. Li’s boodschap: wat je ook zoekt, in China wordt het al gemaakt, dus leg contact met de makers voor je onnodig veel geld in R&D steekt.

Page generated in 1.434 seconds. Stats plugin by www.blog.ca