TomTom verbetert resultaat ondanks moeilijke consumentenmarkt

De consumentenmarkt van TomTom blijft terrein verliezen. De omzet ging van 96,6 miljoen euro vorig jaar naar 83 miljoen euro in het derde kwartaal. Dat werd echter in ruime mate gecompenseerd door automotive & enterprise, dat steeg van 81 miljoen naar 93 miljoen euro. Ook telematics steeg licht naar een omzet van 43 miljoen.

De totale omzet bleef daarmee op het niveau van vorig jaar, met 219 miljoen euro. Het handelsresultaat (EBITDA) ging zelfs fors omhoog, naar 62 miljoen euro. Onder de streep bleef een winst van 17 miljoen over, tegen een verlies van 1,2 miljoen een jaar geleden (pdf).

TomTom bevestigde onlangs de belangstelling voor de snelgroeiende Telematics-divisie. Tijdens de zomer heeft het bedrijf intern al enkele opties op een rij gezet, meldt de Nederlandse beleggersvereniging. Naar omzet gemeten is de divisie nog klein, maar de winstgevendheid van Telematics is relatief hoog en het onderdeel groeit bovendien snel.

Beleggers en analisten vreesden onlangs voor de levensvatbaarheid van TomTom na het bericht dat drie grote autofabrikanten (Nissan, Renault en Mitsubishi) een deal hebben afgesloten met Google voor het gebruik van haar besturingssysteem Android in hun navigatie- en entertainmentsystemen. De goedkopere modellen zouden wel degelijk nog met een systeem van TomTom uitgerust kunnen worden, zo zei CEO Harold Goddijn.

Medeoprichter van Microsoft Paul Allen overleden

Medeoprichter van Microsoft Paul Allen is aan een agressieve vorm van kanker overleden. De Amerikaan was al eerder voor die ziekte behandeld. Hij is 65 jaar geworden.

In de jaren zeventig richtten Allen en Bill Gates Micro-Soft op, zoals de naam toen nog werd gespeld. Eerst werd de programmeertaal MS-Basic voor de Altair 8800 ontwikkeld, de eerste personal computer. Rond 1980 kwam daar het besturingssysteem DOS bij, dat eigenlijk was gekocht van Seattle Computer Products.

Reeds in 1983 trok Allen zich terug als vicepresident van Microsoft na onenigheid met Gates en diens nieuwe rechterhand Steve Ballmer. Allen bleef aandeelhouder en wist zo een enorm vermogen op te bouwen dat werd gestoken in wetenschap, ruimtevaart en kernenergie. Die investeringen liepen via zijn eigen bedrijf Vulcan.

Hij was verder eigenaar van basketbalclub Portland Trailblazers en American footballclub Seattle Seahawks.

Allen was ook filantroop. Hij financierde recentelijk nog een gebouw in Seattle voor thuislozen en armoegezinnen.

Al rond zijn dertigste werd bloedkanker, hodgkin, bij hem geconstateerd, dezelfde ziekte die hem fataal zou worden.

Zowel Bill Gates als Microsoft CEO Satya Nadella gaven gisteren een verklaring uit. ‘Hij veranderde de wereld’, aldus Nadella.

Valtech naar de beurs voor 100 miljoen

Het Europese internetbureau Valtech gaat donderdag naar de beurs in New York. Dat moet ongeveer honderd miljoen dollar opleveren. Een deel van het geld wordt gebruikt voor een Amerikaanse overname die in de pen zit.

Dat blijkt uit documenten die het bedrijf heeft ingediend bij de Amerikaanse toezichthouder op de beurs, de SEC. Valtech wil 6,7 miljoen aandelen via de Nasdaq in publieke handen brengen tegen een openingsprijs van tussen de 14 en 16 dollar.

Na aftrek van de kosten voor de beursgang denkt Valtech 84,5 miljoen dollar over te houden aan de transactie.

Een deel van het geld wordt gebruikt om de overname van een Amerikaans bedrijf te financieren. Er is inmiddels een intentieverklaring getekend om de specialist in digitale transformaties te kopen. Die transactie wordt voor een kwart met aandelen gefinancierd en de rest met contanten. De naam van de partij, gevestigd aan de oostkust, is niet bekend.

Dit soort transacties is precies het doel van de beursgang: het kunnen bekostigen van de groeistrategie.

Valtech heeft een geschiedenis van overnames. Zo verwierf het zijn Nederlandse marktpositie met de overname van eFocus uit Utrecht in 2016. En in Duitsland breidde het zijn activiteiten in 2017 uit met de overname van People Interactive.

Tot maart 2017 stond Valtech aan de Euronext genoteerd.

In totaal werkte er aan het einde van het tweede kwartaal 2.416 man. Een aanzienlijk deel daarvan in India (518), gevolgd door Duitsland (334), Zweden (252) en Nederland (248). Het is actief in zestien landen.

Nederland boekte in de eerste zes maanden van 2018 een omzet van 14,3 miljoen euro (+17%). Dat is 10,5 procent van de concertozet van 136,6 miljoen euro. Europa is goed voor 79,6 procent en Noord-Amerika voor 12,4 procent.

De helft van de omzet wordt gerealiseerd in de sectoren Retail en Automotive (resp. 28% en 18%), gevolgd door Financial Services (10,5%). Andere sectoren die het bedrijf bedient zijn: Overheid, Travel & Hospitality en Healthcare.

Foto: Ken Lund (cc)

Waarom warenhuizen winnaars worden en V&D terug moet komen

De retail staat aan de vooravond van een ongekende bloeiperiode. Juist: de fysieke retail. Waarom Stenen Winkels Winnen? Wij weten het. En wij melden het. Aan jou.

Drie jaar geleden, in november 2015, schreven wij dit verhaal over winnaars in retail. Maar ook een relaas over de verliezers. Een optimistisch artikel. Maar ook een realistisch stuk. Enig Darwinisme is de retail namelijk niet vreemd. Later werd dit artikel getransformeerd tot hoofdstuk 7 van #WatNouEindeVanWinkels. Wat waren de belangrijkste conclusies destijds? En wie zijn de huidige winnaars en verliezers? Wie worden de winnaars van de toekomst? En waarom is het warenhuis niet ten dode opgeschreven? En komt het middensegment terug van nooit weggeweest? In dit artikel de antwoorden.

Samenvatting eerdere artikel ‘Winnaars en verliezers, namen en rugnummers’ (2015)

In 2015, dus nog vóór het faillissement van V&D, schreven wij het volgende:

<<<De lijst van (volledig of deels) verliezende winkels is lang. Miss Etam, Dixons. It’s, Polare, de Schoenenreus, Videoland, V&D. Waarom vielen deze ketens om? Of moest er doorgestart worden? ‘Geen kennis van klanten’. Geen kennis van een veranderende tijd. Geen contact meer met doelgroep. Geen aanpassing van de formule.

Gaan al die oud-klanten dan naar ‘het internet’? Nou, in het geval van Videoland wel. Maar in de meeste branches is er wat anders aan de hand. Nieuwe fysieke aanbieders blijken de grootste concurrenten van de vaak wat stoffige bestaande ketens. De Action en Flying Tiger doen de Blokker en HEMA pijn. En de Primark is concurrerend voor de gehele branche van modeaanbieders in het lage en middensegment. In de doe-het-zelfbranche hebben Gamma en Praxis last van Hornbach. En verder zijn veel winkelketens ‘stuck in the middle’. Middenaanbieders en generieke aanbieders als V&D hebben het vaak moeilijk (en gaan kapot).

De lijst van winkelwinnaars – in 2015 – is ook indrukwekkend. Denk aan Action en Rituals. Maar denk vooral ook aan buitenlandse ketens. Zoals Primark, Urban Outfitters, Zara, Pull & Bear, Topshop en Apple. En binnenkort ‘Japanners’ als Muji en Uniqlo. In het supermarktlandschap doet Lidl het uitstekend. Kernwoorden: kwaliteit voor weinig geld (Lidl). Of: een modieus artikel voor weinig geld (Primark). Of: een duidelijke merkpositionering tegen een forse prijs, zoals Rituals.

Maar ook kleinere ketens doen het goed. Waarbij het onderscheid tussen horeca en retail is vervaagd. Hutspot, Stach, Ace & Tate. Of zij het redden? Sommige wel, andere weer niet. En dat is prima. Dynamiek is de motor van de retail. Als de trend aanslaat, nemen grotere ketens deze over.

Zijn er nog andere winnaars? Jazeker. Sommige webwinkelaanbieders, degenen die zich ook fysiek gaan manifesteren, zijn misschien uiteindelijk wél in staat om winst te gaan maken.En de zelfstandige winkeliers? Sommigen floreren in de aanloopstraten. Het is niet kiezen voor: óf ketens óf zelfstandige winkeliers. Het is én-én. Beide winkeltypen zijn van groot belang voor een florerend winkelgebied.

En wie zijn – anno 2015 – de verliezers bij de winkelcentra en winkelgebieden? Allereerst zijn er te veel meubelboulevards (137). Verder doen binnensteden in de periferie van Nederland, zoals Delfzijl, Den Helder en Geleen, het niet goed. Deze moeten inkrimpen en ‘compactiseren’. Ook steden die vermalen worden door buren met een groot winkelbestand zijn gedwongen tot gedeeltelijke sanering. Bijvoorbeeld Schiedam in relatie tot Rotterdam en Vlaardingen. Of Helmond ten opzichte van Eindhoven. De zogenaamde ‘kleinere middelgrote steden’.

En de grotere middelgrote steden? Dat is een gemengd beeld. Als de ene stad (bijvoorbeeld Maastricht) het goed doet, kan dat ten koste gaan van een andere nabijgelegen stad (met een minder sterke identiteit, bijvoorbeeld Heerlen). Dat geldt ook op kleinere schaal. Uden doet het goed. Maar Veghel niet. Zo zijn er legio voorbeelden.

Een vergelijkbaar verhaal tekent zich af bij stadsdeelcentra. Weinig onderscheidende stadsdeelcentra (vooral die met meerdere eigenaren, dus zonder dominante eigenaar) kunnen het lastig hebben. Zeker als er geen sprake is van een heldere positionering en marketingvisie.Dan de wijkwinkelcentra en de buurtcentra. Ook binnen deze categorie vind je verliezers. Bijvoorbeeld in de buurtcentra met geen of maar één supermarkt (en dus onvoldoende massa).

Tegelijkertijd moet je dan niet vreemd opkijken als een ander wijkcentrum (op bijvoorbeeld een kilometer afstand) het dan wél goed doet. Twee of drie supermarkten zijn vaak een vereiste. En een volledig aanbod aan andere ‘dagelijkse goederen’. Misschien moeten we maar eens af van ‘Christaller’. Het lukt niet om twee winkelcentra – die op 500 meter afstand van elkaar liggen – tegelijkertijd te laten floreren. Maak een wijkwinkelcentrum dat het al goed doet sterker (en dus ook groter). En saneer de slecht draaiende kleinere wijkcentra.

Maar dan: de winnaars in winkelgebieden en winkelcentra. Om te beginnen de vijf grote binnensteden. Amsterdam-Centrum wordt steeds meer één groot kernwinkelgebied. Rotterdam doet het ook uitstekend. Er is een prachtige winkelas ontstaan van Lijnbaan via de Koopgoot naar de Markthal. Den Haag-centrum is interessanter en drukker bezocht dan ooit. Met de Spuistraat, Grote Marktstraat, de Oude en Nieuwe Passage én het nieuwe project Amadeus. Utrecht heeft een fenomenale historische binnenstad. Uit ons eigen onderzoek blijkt dat de omzet hier jaarlijks toeneemt. En dat terwijl de binnenstad één grote bouwput is. Verder is Eindhoven een trendy high-tech- en designstad met Demer, Rechtestraat, de Heuvel en Piazza als uitstekende hoofdwinkeldestinaties.

De les: soms schept aanbod vraag. Kijk bijvoorbeeld naar de Markthal. Met niet alleen kijkers, maar ook veel kopers. Of: De Hallen in Amsterdam-Oud West. Maak iets dat de mensen leuk en aangenaam vinden en ze zullen komen en veel geld besteden.

Maar er zijn ook grotere middelgrote binnensteden die je als winnaars kunt bestempelen. Bijvoorbeeld Den Bosch. Haarlem. Of Maastricht. Maar ook jonge steden (qua bevolkingsopbouw) als Groningen zijn absolute winnaars. De trek naar deze stad is enorm.Ook grote regionale winkelgebieden/stadsdeelcentra met één dominante eigenaar zijn vaak succesvol. Bijvoorbeeld Stadshart Amstelveen. Gelderlandplein Amsterdam. Alexandrium Rotterdam. Leidsenhage Leidschendam (binnenkort: The Mall of the Netherlands). Minder opvallende winkelcentra kunnen het eveneens goed doen, vanwege de ligging en omdat alle grote ketens hier een filiaal hebben. Zoals Kronenburg Arnhem, CityPlaza Nieuwegein, Stadshart Zoetermeer en Zuidplein Rotterdam (niet gelegen in een rijk verzorgingsgebied, maar toch heel succesvol). Zolang je branchering, aanbod en uitstraling maar matchen met je doelgroep, zijn de mogelijkheden voor dit soort centra legio.

En dan de sterke wijkwinkelcentra, zoals Schelfhorst Almelo (jawel, ook in Almelo kan dat), Ellekoot Veenendaal en Vleuterweide Utrecht. En veel andere verrassend goed draaiende wijkcentra. Meestal met meer dan één supermarkt. Als je bereikbaarheid, parkeren en aanbod maar op orde hebt. >>>

Tot zover onze analyse in 2015, toen nog niet velen overtuigd waren van herstel. Wij denken dat de situatie in dat jaar redelijk compleet door ons is opgesomd en dat veel van wat toen is beschreven nog steeds geldt. Maar er zijn ook anderen die interessante studies hebben uitgevoerd. Wij willen die van Lindenaar & Co bijvoorbeeld niet onvermeld laten.

Onderzoek Lindenaar & Co (2017)

Wie zijn de winnaars in retail – in de niet dagelijkse sector – volgens dit bureau?

De winnaars zijn in vier categorieën te onderscheiden:

  • schaalbedrijven;
  • merken;
  • discounters;
  • nichespelers.

Bij de schaalbedrijven is de omzet in de jaren 2011-2016 gestegen met gemiddeld bijna 4 procent per jaar. Dat betreffen IKEA, Wehkamp, Coolblue, Swiss Sense en Nelson. Deze partijen profiteren van schaalvoordelen. Het zijn generalistische partijen. En zij verkopen (soms) merken van anderen. Maar vaak ook eigen merken. Bij sommige van deze partijen staat de winstmarge overigens wel onder druk.

De merken (brandspelers), zoals Rituals, Scotch & Soda, Suitsupply en Rivièra Maison, doen het vaak uitstekend. Door herkenbaarheid en aantrekkelijkheid van het merk zijn consumenten sneller geneigd om in de merkwinkels te kopen. Merkretailers ondervinden minder concurrentie. Omdat de functionele eigenschap van het product vaak onderschikt is aan het merk. Consumenten zijn vaker bereid méér te betalen. Hierdoor profiteren brandspelers van gunstiger marges. Met een hogere winstgevendheid als gevolg.

Bij de discounters, oftewel de prijsvechters, draait alles om de beheersing van de inkoop, transport en distributie. Action, Jysk, terStal, Decathlon en New Yorker zijn voorbeelden. Zij boekten gemiddeld bijna 16 procent omzetgroei in afgelopen jaren. Door procesbeheersing, efficiëntie en standaardisatie kan de retailer zijn producten tegen een zeer concurrerende prijs aanbieden. Consumenten hebben niet altijd een binding met de prijsvechters. Zodat de lage prijs doorslaggevend is.

En dan de nichespelers. Dat zijn retailers als De Bijenkorf. Bever. Schoonenberg Hoorcomfort.  En Schaap & Citroen. Zij richten zich op een specifiek, afwijkend marktsegment. Vaak een duur marktsegment. Dit zijn relatief kleine, maar potentieel winstgevende niches. Waarin je van schaalvoordelen niet veel hoeft te verwachten. Gemiddeld groeiden zij jaarlijks met 6,5 procent in de afgelopen vijf jaar.

De winnaars, oftewel de overlevers, bestaan nog omdat zij ingespeeld hebben op de behoefte van de consument en zijn blijven innoveren en investeren. Nu de Nederlandse retailmarkt weer in de lift zit en de macro-economische ontwikkelingen gunstig zijn, is er volop reden om te denken dat ook de toekomst er rooskleurig uitziet voor de overlevers.

Winnaars en verliezers volgens Locatus (2018)

En de situatie nu? Hoe brengen wij deze in kaart? Wij zijn groot fan van Locatus, omdat dit bedrijf een schat aan informatie biedt. Nu heeft Locatus geen inzicht in de omzetten en de winstgevendheid van de retailbedrijven. Maar dit bedrijf registreert wel elk jaar consistent het aantal vestigingen van retailers. Wie zijn de grootste dalers in aantallen winkels in de periode 2013-2018? En wie zijn er verdwenen? Afbeelding 1 geeft uitsluitsel. Sommige retailers zijn gefailleerd. Zoals Free Record Shop. Anderen zijn gekrompen. Met Blokker als opvallende naam. Weer anderen zijn opgegaan in andere formules. Zoals C1000, dat Jumbo (of Coop) is geworden. Of Bart Smit, dat nu bijna overal Intertoys heet.

Winnaars in het aantal winkelvestigingen zijn er ook, zoals te zien in afbeelding 2. Anderen zijn (sterk) gegroeid. Waaronder vrij veel goedkope discountachtige aanbieders. En weer anderen zijn door overnames gegroeid, zoals Jumbo en Coop.

In welke binnensteden/centrumgebieden (plaatsen vanaf 30.000 inwoners) is de leegstand het hoogst in 2018? En in welke het laagst? Afbeeldingen 3 en 4 vertellen een helder verhaal. De verliezers komen nog vrijwel naadloos overeen met het eerdere verhaal in 2015. In deze (vaak) kleinere middelgrote steden (vaak in de periferie of vlakbij een veel grotere stad) ontkom je niet aan sanering. Doen! Die Hoogstraat in Schiedam gaat ‘m echt niet meer worden.

Maar winnaars zijn er ook. Zoals de centrumgebieden van Amsterdam, Haarlem, Utrecht en Amstelveen. Waar de leegstand erg gering is, dat wil zeggen op of onder de frictieleegstand van 4 à 5 procent (de ‘gezonde’ leegstand). Opvallend is dat er ook kleinere plaatsen als winnaar zijn te beschouwen, zoals Heemskerk en Nieuw-Vennep. En verder (valt net buiten de ‘top’ centrumgebieden): de grotere middelgrote steden doen het tegenwoordig allemaal uitstekend. Aan het lijstje winnaars kunnen moeiteloos Tilburg en Enschede worden toegevoegd. In die laatste stad moet vaak nee worden verkocht aan retailers, omdat er geen plek is op dit moment.

En als alle typen winkelgebieden en -centra van Nederland in afbeelding 5 worden weergegeven? Wie zijn dan de winnaars en verliezers? Waar is de hoogste leegstand? En de laagste? En hoe heeft de leegstand zich ontwikkeld van 2013 tot en met 2018? Verliezers vind je met name in hoofdwinkelgebieden (dat zijn dus de kleinere middelgrote steden, buiten de top 17 grootste binnensteden). De kernverzorgende centra (dat zijn de kleinere steden). En met name de stadsdeelcentra. Hier is de leegstand toegenomen.

Maar er zijn ook winnaars, zoals de binnensteden van de zeventien grootste steden. De binnenstedelijke winkelstraten (ook in de top 17). De grootschalige concentraties (dat is opvallend, buiten de binnenstad). En onder de zogenaamde ‘verspreide bewinkeling’. Hier is de leegstand afgenomen.

Horeca en blurring

Daarnaast doet de (betere) horeca het uitstekend. Zo zijn de volgende uitbaters hip and happening:

  • Food and beverage: koffie- en theetentjes, biercafé, wijnbars;
  • Streetfood (Vietnamees, Thais) en fastfood (Burgers, Mexicaans, Sushi).

Maar ook Wagamama, Five Guys, Vapiano, TGIF en andere ketens zijn sterk expansief;

Verder neemt ‘blurring’ een grote vlucht. Wij zien steeds vaker nieuwe ontwikkelingen, zoals de uitzendbar (in plaats van het uitzendbureau), stomerijbar, fietsenbar, kappersbar. En ga zo nog even door.

Winkels die terugkeren naar de binnenstad

Maar er zijn nog meer trends van belang. Bijvoorbeeld de bouwmarkten en webwinkels die ineens opduiken aan de rand van de binnenstad. Zoals de Praxis Citystore. Of Futurumshop (sportartikelen, begonnen op het internet). En verder, komt woninginrichting terug naar binnenstad? De IKEA experimenteert met stadswinkels. En de Søstrene Grene, uit Denemarken, vestigt zich op de Grote Markt in Groningen en in ‘de Post’ in Utrecht. Heerlijk, toch? Welkom in de binnenstad. Succes verzekerd.

Waarom Warenhuizen Winnaars Worden

De naam Blokker is al gevallen. In dit artikel is door een van de auteurs al aangegeven dat Blokker weer terug moet naar zijn roots. Blokker moet weer een gezellig, knus warenhuis in huishoudelijke artikelen worden. Met meer keus en huismerken. Blokker moet weer je beste vriendin zijn. En wat blijkt? Blokker neemt dit advies ter harte, zo blijkt uit de laatste berichten.

Al eerder benoemd is het gigantische succes van Action, die niet alleen fors uitbreidt maar ook enorme winsten behaalt. Action is in feite een warenhuis. Want je kunt er alles kopen, zelfs kleding. Het concept slaat aan. ‘Grabbelen en graaien’. Dat is de kracht van het warenhuis, zeker als de prijzen belachelijk laag zijn. Het spreekt de Nederlander aan. En het spreekt de buitenlander aan. Want in elk land is er een grote groep koopjesjagers. En in elk land waar Action zich vestigt is deze een doorslaand succes.

Zou dat ook kunnen lukken voor het middensegment? Het segment boven de discounters? Wij denken van wel. Wij weten van wel. Uiteindelijk willen veel consumenten in Nederland en daarbuiten gewoon een goede deal maken. Niet alleen maar ramsj kopen of veel te dure kwaliteitsspullen bij De Bijenkorf. Nu hebben wij al de HEMA, die het met enig vallen en opstaan weer steeds beter gaat doen. Vroeger bevond de HEMA zich in het lage segment. Maar met de komst van de Action vormt HEMA eigenlijk het nieuwe middensegment. HEMA gaat het redden. Maar alleen de HEMA in het middensegment is niet genoeg. Zijn er mogelijkheden voor een groter warenhuis in het middensegment? Een warenhuis met bewust een breed assortiment? Met een herkenbare profilering? Waar de consument uiteindelijk veel meer spullen afrekent dan hij/zij van plan was te kopen? Een warenhuis waar een lange kassabon wordt gehaald?

Maar het gaat toch overal slecht met de warenhuizen in het middensegment, zal je misschien denken? Niet alleen in Nederland, maar ook in Amerika, Engeland en Duitsland? Nou, deels wel. Maar niet overal. Zo maakt het Duitse Karstadt weer winst. In het Verenigd Koninkrijk zijn Harrods (meer dan uitstekend) en John Lewis (heel redelijk) monumenten die nog steeds fier overeind staan. Is Macy’s in de Verenigde Staten nog steeds goed bezig. En in Nederland bewijst Miss Etam (OK, meer een modewarenhuis voor de niet al te piepjonge vrouw) dat je een oude formule toch weer gezond nieuw leven in kunt blazen.

Waarom ging V&D kapot?

Het verdriet over het verlies van de V&D was groot. Maar bij sommigen, waaronder bij ons, overheerste ook de opluchting. ‘Die V&D, dat kon toch echt niet meer?’ Inderdaad, niet in de vorm van 2016. Want waarom heeft de V&D het niet gered? Onze analyse – en er zijn zeker nog meer redenen te bedenken – is als volgt:

  • De boeken- en de platenafdeling waren marktleider. En in deze hoek vielen de meeste klappen. Hoewel de boekenverkoop – en jawel, ook de vinylverkoop – de laatste tijd weer in de lift zit, hebben streamingdiensten muziek en dvd voor een groot deel vervangen;
  • De supermarkt was vaak de basis van de V&D, door schaalvergroting in de totale branche hebben deze te kleine supers het niet gered;
  • Te weinig en steeds minder eigen merken;
  • Te veel shop-in-shop merken (hoogwaardig en middle-of-the-road door elkaar). Vervreemding van de basisconsument. Deze houdt niet van Desigual, Replay of Diesel. Deze hield van Liv, het huismerk;
  • Jarenlang slecht beleid en leeggeroofd door de hedgefunds.
Het gat dat V&D achterlaat en de forse steken die Hudson’s Bay laat vallen

Goed, V&D is weg. Maar Hudson’s Bay komt ervoor in de plaats. En met Hudson’s Bay gaat het volgens velen niet lukken, dus ook niet met het warenhuis als concept. Maar is dat wel zo? Hudson’s Bay heeft fout op fout gestapeld. Dat wil niet zeggen dat het warenhuis als concept kansloos is. Wat is er misgegaan?

Allereerst arrogantie. Hudson’s Bay kent een fors aantal medewerkers dat het vak bij De Bijenkorf heeft geleerd. ‘Wij weten hoe je een warenhuis bouwt.’ Nu is dat zeker waar. Maar Hudson’s Bay lijkt meer een gouden kooi: mooi ontworpen maar elke warmte mist. Elke connectie met de Nederlandse klant ontbreekt. De verbinding met de oude V&D-klant had eerst hersteld moeten worden. Dan had je meteen krediet opgebouwd bij deze best nog omvangrijke klantenkring. Vergis je niet: de V&D’s in Groningen en Amstelveen bijvoorbeeld waren nog sterk winstgevend. Was bijvoorbeeld begonnen met de klantenkaart van V&D. Had de oud-klanten de mogelijkheid geboden om de punten over te zetten naar een klantenkaart van Hudson’s Bay.

En dan de collecties. Er had onderzoek moeten plaatsvinden onder de oud-klanten van V&D én onder de beoogde nieuwe doelgroepen om bevestigd te krijgen dat de ideeën over de collecties juist waren. V&D had ten tijde van het faillissement nog altijd een omzet van ruim 600 miljoen euro. Hudson’s Bay heeft deze omzet al grotendeels laten liggen door zich niet te richten op deze oud-klanten. En hun voorkeuren voor de collectie. Topman Beukema vertelde in 2017 exact wat de Hudson’s Bay in Nederland niet zal zijn. ‘Wij richten ons op een jong en trendy publiek’. En: ‘Je moet een t-shirt van 120 euro wel begrijpen.’ Tja, in één keer ben je dan de sympathie kwijt van al die oude V&D-klanten.

Verder zou Hudson’s Bay vooruitstrevend zijn en innovatief. Terwijl Hudson’s op een slap aftreksel van De Bijenkorf lijkt. Waarom heeft Hudson’s de belofte niet ingelost? Bijvoorbeeld als het gaat om de mogelijkheden die de digitale revolutie biedt? Zoals grote beeldschermen? Tablets bij de medewerkers? Kassa’s op de handheld van de medewerkers? Dan was de pers lovend geweest en was de consument naar de winkel gelokt. Dan was Hudson’s inderdaad vernieuwend geweest en innovatief.

Nu ogen de winkels zeker niet slecht. Vele malen beter dan de V&D ooit was. Er zijn uitstekende professionals aan de slag geweest. Maar toch mist het interieur warmte. Het is er te wit. Het licht is te fel. Of soms juist niet sterk genoeg. En de winkels zijn (te) rustig. Er wordt te weinig gekocht. Het nieuwe trendy publiek laat de winkel vaak links liggen. Dus zie je er meestal de oude V&D-klant rondlopen (voor zover al niet afgehaakt). En die komt niet voor een t-shirt van 120, euro maar voor het oude V&D-gevoel in een mooi nieuw jasje. Maar deze consument vindt er maar weinig van zijn gading en bezoekt daarom Hudson’s niet nog een keer. Je kunt een winkel nog zo mooi inrichten maar zonder publiek oogt zo’n winkel koud en kil.

En de collecties? Er is sprake van een allegaartje. Te veel merken die je overal kunt kopen en dan met een beter assortiment. Hudson’s Bay is domweg niet onderscheidend genoeg.

En dan de horeca. De Bijenkorf had onder leiding van de vorige directie goed in de gaten dat klanten ook culinair verwend willen worden. Na de koerswijziging en de verbouwing van de bovenste etage tot mini foodhall kreeg de Bijenkorf vele lovende kritieken. Het zit er dan ook continu stampvol. Kijk daar eens naar, als Hudson’s.

En dan het personeel. Het huidige personeel bij Hudson’s is jong, onervaren en maakt een slecht opgeleide indruk. Een gemiste kans.

Nu willen consumenten, ook de millennials en de generatie Z, wel degelijk fysiek winkelen. Maar dan moeten die winkels er wél toe doen. Dat geldt voor ‘local heroes’ en goede ketens maar ook voor warenhuizen. Nu zal een zelfstandig winkelier nooit de massa bereiken. Dat is ook niet zijn of haar doel. Klantcontact, service en onderscheidend vermogen bepalen zijn/haar succes. Maar het warenhuis richt zich wel op een groot publiek. Per definitie. En met meer dan 15.000 merken en leveranciers in Europa kan een warenhuis óók inspireren, innoveren en klanten aan zich binden met collecties. Vernieuwend zijn in retail? Hoe doe je dat? Het is vrij simpel: ken je klant, weet wie je doelgroepen zijn en focus daar voor de volle 100 procent op. Wees in staat om met die klant een connectie te maken. En kies duidelijk je assortiment.

Niet alle warenhuizen zijn verliezers. De Bijenkorf bewijst dat je zeer succesvol kunt zijn. De Action bewijst het. De HEMA bewijst het weer steeds meer, ondanks een wat zwalkend genderneutraal beleid. Hudson’s Bay zou het ook kunnen bewijzen. Al is het de vraag of Hudson’s Bay er als formule volgend jaar nog is.

De succesvolle terugkeer van de stenen V&D

Het Duitse Karstadt (met Oostenrijkse eigenaar en weer winstgevend, als eerder al gemeld) en Galeria Kaufhof (eigenaar van Hudson’s Bay) zijn onlangs gefuseerd en gaan een gemeenschappelijke Duitse formule uitdragen. Dat betreft waarschijnlijk een warenhuisformule in het middensegment, analoog aan de huidige Karstadt.

Een dergelijke positionering zou hoogstwaarschijnlijk wél aanslaan in Nederland. Maar deze formule moet geen Duitse naam hebben, dat valt niet goed. Ook een Engelse naam als Hudson’s Bay werkt vervreemdend. Dus moet het warenhuis een andere naam krijgen. Een Nederlandse naam. Noem het bijvoorbeeld ‘Ons warenhuis’. Of beter: noem het ‘V&D’. Koop die merkrechten op van Roland Kahn en start een nieuw warenhuis met de oude merknaam. Als je het nu maar wél slim doet. Met moderne winkels, een groot en mooi assortiment en met superpersoneel. Dat wordt een groot succes. Knus. Gezellig. Van alles wat. Grabbelen en graaien. De winkel voor de gewone Nederlander. De ‘Middenlander’.

Wij zien het helemaal zitten. V&D terug in het straatbeeld, in die prachtige oude V&D-panden, die door de vastgoedeigenaren en Hudson’s Bay waanzinnig goed gerenoveerd zijn. Ga weer mooie (kortings)campagnes bedenken, daar zijn Nederlanders gevoelig voor. Laat de Circusweken terugkomen of noem het desnoods De Dolle Dwaze Dagen (als die rechten niet meer bij de Bijenkorf in handen zijn). Creëer veel eigen merken en geef La Place een prominente plek. Met een goede prijs-kwaliteitverhouding ben je in staat om een goede deal met de Nederlander te maken. Deze wil een acceptabele kwaliteit voor niet al te veel geld. Van alleen ‘ramsj’ van de Action wordt niemand gelukkig.

En de HEMA?

De HEMA is op de goede weg, met beter voedsel, gezellige zithoekjes, mooie winkels en veel typische HEMA-producten en eigen merken. Alhoewel? Dat laatste lijkt wat te verwateren. Focus dus juist weer méér op de eigen merken en het typische HEMA design. Stop verder met rare experimenten als genderneutrale kleding. Dat is grachtengordelonzin waar 95 procent van de mensen helemaal niet mee bezig is. De HEMA moet ‘gewoon’ zijn. En tegelijkertijd eigenwijs met betaalbaar Dutch Design. Kortom: de HEMA moet Nederlands zijn en van ons allemaal. Inderdaad: de HEMA moet zich op zo veel mogelijk doelgroepen tegelijkertijd richten. Ook dat is een keuze. En tevens de juiste keuze.

Fysieke retail is terug

De fysieke retail heeft zich opgericht en is als een feniks uit de as herrezen. Alhoewel: de retail was nooit echt dood maar was in slaap gesukkeld. En dan komt een zware economische crisis hard aan. Feit is dat sinds 2015 er sprake is van een fors herstel. De retail als branche is bezig aan een opmars. Een grote bloeiperiode is nakende. Veel winkelgebieden zijn weer succesvol en veel winkels doen het weer geweldig. Zelfstandige winkeliers, ketens en ook warenhuisformules als Action en De Bijenkorf.

In Nederland ontbreekt echter het echte middensegment. Hudson’s heeft veel te hoog ingezet. Een meerderheid van de Nederlanders is echter nogal ‘middle of the road’. De meeste mensen wonen niet in de grachtengordel. Voor deze gewone Nederlanders, de Middenlanders, dient er dus een nieuwe warenhuisformule te komen. Juist. In het middensegment. Noem die formule dan V&D. Waarom niet? Volg de adviezen in dit artikel op, dan verwachten wij dat succes aanstaande is. En als Hudson’s die merkrechten van V&D niet opkoopt? Dan doen wij het zelf. Opschieten, dus!

Dit artikel is samen met Marcel Reinartz en Ernest Schaapman geschreven. Marcel Reinartz is directeur van RMA, Stedelijke Ontwikkeling en Vastgoed en is enkele decennia actief in de retail- en vastgoedsector als adviseur en projectmanager bij ontwikkeling, renovatie en transformatie van winkels, winkelgebieden en binnensteden.

Ernest Schaapman werkt op dit moment in de laatste fase aan een start-up in Stealth modus tezamen met partners Samsung en MoodMedia. Hij is altijd in de moderetail werkzaam geweest bij vele bedrijven en heeft ‘het centraal stellen van de klant’ tot kunst verheven.

Met dank aan Koen Visser, projectleider bij Strabo voor het maken van de grafieken en met dank aan Gertjan Slob van Locatus voor het leveren van waardevolle data.

BCD Group volledig eigenaar Travix

BCD Group koopt ING Corporate Investments uit als minderheidsaandeelhouder van Travix en wordt dus volledig eigenaar van de online reisagent. Hoeveel BCD Group neertelt voor het belang is niet bekendgemaakt.

BCD Group kocht in 2016 alle minderheidsaandeelhouders minus ING uit en bezat sindsdien 77,5 procent. De resterende 22,5 procent komt er nu dus bij. Volgens Travix betekent één aandeelhouder dat het bedrijf “nog sneller kan inspelen op de veranderende behoeften van de consument op de dynamische online reismarkt”.

Travix ontstond in 2011 door het samengaan van de merken CheapTickets, Vliegwinkel, BudgetAir, Flugwinkel en Vayama. Op dit moment is Travix actief in 39 landen wereldwijd en heeft het kantoren in Nederland, Duitsland, India, Singapore, Australië en de VS. Twinkle schat de omzet die in Nederland wordt gerealiseerd door Travix op 510 miljoen euro.

Hans Böhm van Beerwulf wint Digital Transformers Awards 2018

Hans Böhm van Beerwulf, een e-commerce platform voor craftbier, heeft gisteravond de Digital Transformers Awards 2018 in ontvangst genomen.

De onderscheidingen zijn in het leven geroepen om de noodzakelijke digitale transformatie van bedrijven te stimuleren.

Böhm werd gekozen uit ruim veertig inzendingen door een vakjury bestaande uit de winnaar van afgelopen jaar Gerhard van der Bijl, CDO en CIO bij Royal FloraHolland, Tjalling Smit, directeur Commercie & Ontwikkeling bij NS, Marietje Schaake, Europees Parlementslid van D66, Marc Salomon, o.a. Dean of the Amsterdam Business School (ABS), Professor in Decision Sciences bij de UvA.

Roblox doet eerste overname

Spelplatform Roblox doet met de aankoop van Packetzoom zijn eerste overname. Daarmee krijgt het technologie in huis om zijn spelnetwerk te versnellen.

Hoeveel geld Roblox voor de overname betaalt, is niet bekend. Packetzoom haalde in de afgelopen jaren in totaal elf miljoen dollar venture capital op.

De overname betreft een zogeheten aquihire. Het personeel en de technologie van de overnameprooi gaan naar een nieuw huis. Van hun klanten nemen ze afscheid en het merk gaat verdwijnen. De transactie is enkel gericht op het verkrijgen van technologie en de garantie dat die wordt doorontwikkeld.

Packetzoom ontwikkelde technologie waardoor clients en servers in de gamingsferen sneller en efficiënter data met elkaar uitwisselen. Daar ligt ook de winst voor Roblox, want dat exploiteert een platform waar gamers zelfs spellen kunnen maken op hun telefoon, tablet of computer om te delen met anderen.

Roblox, vooral populair bij jongere spelers, haalde onlangs 150 miljoen dollar groeigeld op bij investeerders.

Overnamebod op Tradedoubler van aandeelhouder

Grootaandeelhouder Reworld Media doet een overnamebod op Tradedoubler. De handel in het aandeel is stilgelegd. De beoogd nieuwe eigenaar wil het marketingbedrijf als vehikel om zijn mediaconcern internationaal te doen groeien.

Het Zweedse onlinemarketingbureau Tradedoubler maakt bekend dat Reworld Media afgelopen woensdagmiddag een bod op alle aandelen heeft gedaan. Hierop is de handel in de aandelen stilgelegd. Hoe hoog het bod is, is niet bekend.

Voor de Fransen is het een logische stap om een bod op de zeventig procent aandelen te doen die ze nog niet hebben. Zelf exploiteren ze een Europees portfolio van mediatitels. Aan de normale reclamemogelijkheden willen ze ook een performance-element toevoegen. Sterker nog, dat doen ze in de praktijk al. Van alle Reworld-kantoren die de site vermeldt, gaat het in vrijwel alle gevallen om Tradedoubler-filialen. De praktische samenwerking is al hecht.

In 2015 kocht ReWorld het aandelenpakket Tradedoubler van Montero en verwierf daarmee achttien procent eigendom. Dat werd uitgebreid tot dertig procent.

Als de overname doorgaat, wordt Tradedoubler verlost van zijn kwijnende positie op de beurs.

Column: Hoor eens even…

Lang wachten wordt beloond voor slechthorenden – zo’n tien procent van de gehele wereldbevolking. Hoortoestellen zijn namelijk eindelijk online te bestellen en tot veertig procent goedkoper dan in de winkel. Wat Ace & Tate voor de brillenmarkt deed, doet Onlinehoortoestel.nl voor gehoorapparaten. Schijnbaar werd de markt zo gecontroleerd door een aantal grote fabrikanten dat er online simpelweg niet verkocht mocht worden. Veelal met de reden dat het product door een professioneel audicien aangemeten moet worden. In die gedachtegang geloven we anno 2018 natuurlijk al lang niet meer.

De markt voor gehoorproducten is overigens geen klein bier en wordt geschat op een dikke negen miljard dollar in 2023 – met maar liefst vijfhonderd procent groei per jaar. Mede doordat gehoorproblemen vooral onder jongeren steeds vaker voorkomen. En laat het nou net die doelgroep zijn die niet anders gewend is dan dat je online kunt shoppen.

De situatie vertoont gelijkenissen met de (zonne-)brillenmarkt enkele jaren geleden. Het Amerikaanse Warby Parker betrad toen de markt met een eigen bril die zich wat kwaliteit en vernuftig design betreft kon meten met de toonaangevende brillenproducenten. Nu verkoopt Online Hoortoestel geen eigen producten, maar kan het niet missen dat zij de bekende marktdisruptie in gang zullen zetten. Want een prijsverschil van veertig procent ten opzichte van de winkel is te groot om recht te praten.

Hoe het werkt? Het hoortoestel wordt na online aanschaf in een aanpascentrum door een gediplomeerd audicien ingesteld op het gehoorverlies van de slechthorende. Zo blijft de kwaliteit van het product gewaarborgd en is slechts één bezoekje voldoende voor een volwaardig en functionerend hoortoestel. De deal is immers online al gesloten.

De verwachting is dat traditionele grote audiciens onder deze ontwikkelingen gaan lijden en de markt meer online spelers gaat zien.

Maar er is meer. Dat met 3D-scans en -prints van de gehoorgang gehoordefecten eenvoudiger op zijn te sporen, kan de markt verder veranderen. Aangezien daarmee bijvoorbeeld ook ontwikkelingslanden eenvoudiger toegang kunnen krijgen tot online hoorproducten. Mede door deze technologische ontwikkelingen en product-upgrades zal de competitie onder de audiciens dan ook verder toenemen. En staan we nu aan de vooravond van een ontwikkeling die een domino-effect in de markt teweeg zal brengen, met lagere prijzen en transparantie als resultaat. Laat dat maar aan het web over.

*) Dit artikel verscheen eerder in het oktobernummer van Emerce magazine (#167).

JouwWeb: 12.500 betalende klanten

Het Nederlandse bedrijf JouwWeb, waar particulieren en bedrijven makkelijk websites kunnen bouwen, is over de grens van de 12.500 betalende klanten gegaan.

Een groot deel daarvan zijn MKB’ers die een professionele website willen. “En we werken met zo’n 3.500 webshops. Dat is het gevolg van de extra investeringen die we in mogelijkheden voor webshops hebben gedaan”, licht directeur Wouter Twisk aan Emerce toe.

JouwWeb uit Eindhoven host voor zijn klanten 17.226 domeinnamen.

Tot de concurrenten behoren internationale spelers als Jimdo, Squarespace en Wix. Twisk heeft naar zijn idee een voordeel, omdat hij de lokale markt kent en zijn mensen benaderbaarder zijn.

Foto: Rodrigo Ghedin (cc)

Investeerders op hun hoede voor ontwrichtende visies

Start-ups met een ontwrichtende visie trekken wel veel investeerders aan, maar krijgen minder financiering dan gedacht. Dat blijkt uit onderzoek van Timo van Balen, promovendus aan het Erasmus Centre for Innovation Management van Rotterdam School of Management, Erasmus University (RSM).

Ondernemers claimen meer dan eens dat hun bedrijf een complete sector ingrijpend kan transformeren. Investeerders willen vaak de volgende grote ontwikkeling niet missen en zijn doorgaans geïnteresseerd.

Van Balen bestudeerde de gegevens van 918 Israëlische start-ups uit de database van Start-Up Nation Central, een non-profit organisatie, en keek naar de relatie tussen de visies op hun websites en de bedragen die ze ontvingen van investeerders.

Daaruit blijkt dat als een start-up een ontwrichtende visie communiceert, dit de kans op investeringen gemiddeld met 22 procent vergroot. Toch ontvangen deze startups doorgaans 87.000 dollar minder in de eerste investeringsronde en 361.000 dollar minder in de tweede investeringsronde vergeleken met startups zonder ontwrichtende plannen. Investeerders zijn bij ontwrichtende visies meer op hun hoede omdat ze niet weten of het bedrijf zijn claims kan waarmaken.

eDay: Wasteless wint Top 10 European Startups Award 2018

Zojuist is op eDay bekendgemaakt dat het Israelische Wasteless is verkozen tot winnaar van de Emerce Top 10 European Startups 2018.

Wasteless ontwikkelt wat zij het Internet of Groceries noemt en zet dynamic pricing in om voedselverspilling in onder andere supermarkten te voorkomen. Én de omzet te verhogen. Na venture capitalist SOSV heeft ook Slingshot Capital in de start-up geïnvesteerd. Wasteless is reeds actief in Spanje, Engeland en Israël en start binnen korte tijd ook in Nederland. “Alleen in Nederland kunnen we al 300 tot 500 miljoen euro aan de bottom line van supermarkten toevoegen”, aldus CEO en oprichter Oded Omer, die zijn vorige bedrijf (Weissberger) na drie jaar voor 100 miljoen dollar aan AB Inbev verkocht.

Op de tweede plek staat Adcombi. Dit Nederlandse bedrijf biedt hyperlokale, gepersonaliseerde programmatic advertising die de web to store traffic verhoogt. En richt zich onder andere op retail- en bankketens. Het snelgroeiende bedrijf heeft momenteel zo’n 130 klanten in 5 landen. Mede door buitenlandse vestigingen – Adcombi opende onlangs zijn kantoor in Duitsland – zal de groei de komende tijd verder toenemen, aldus CEO en oprichter Gerrit Reinders.

De derde plek is voor Glovo, de Spaanse start-up die zich op één-uurslevering voor allerhande producten richt en in zijn drie jarig bestaan al ruim 150 miljoen dollar funding ophaalde.

De top 10 bestaat uit:

  1. Wasteless (2016, Israël, Internet of Groceries)
  2. Adcombi (2014, Nederland, Location based advertising)
  3. Glovo (2015, Spanje, Same day delivery-platform)
  4. Revolut (2015, Verenigd Koninkrijk, Online bank)
  5. Hotelchamp (2015, Nederland, Direct booking-platform voor hotels)
  6. Acast (2013, Zweden, Podcasting platform)
  7. Blinkist (2012, Duitsland, Non-fictie boeken in 15 minuten)
  8. Trigo Vision (2017, Israël, Retail Automation-platform)
  9. June Energy (2015, België, Energie Prijsvergelijker)
  10. ŌURA (2013, Finland, Health/Wellness wearable)

De toplijst is voor het zevende jaar op rij samengesteld door de redactie van Emerce met input van VC’s, M&A-specialisten, bankiers en journalisten uit heel West-Europa. Criteria zijn: de start-up moet hun hoofdkantoor c.q. -activiteiten in Europa hebben, mogen maximaal 6 jaar oud zijn en moeten minimaal 2 miljoen euro omzet doen en/of 2 miljoen euro aan funding hebben opgehaald.

De lijst laat zien welke startups upcoming zijn en een grote potentie hebben; hoe hoger op de lijst des te groter de potentie is.

Vorig jaar werd mobile healthcare start-up Babylon Health uitgeroepen tot winnaar.  Dat de sector grondig wil veranderen. Om te beginnen door de kosten drastisch te verlagen. De destijds vier jaar oude startup had 85 miljoen dollar aan funding op zak en al zo’n 1 miljoen gebruikers. De rest van de top 10 uit 2017 vind je hier terug.
*) In het novembernummer van Emerce magazine (#168) staat een uitgebreid interview met de oprichter van zowel Wasteless als Adcombi.

Verkeerde interpretatie AVG: dit laat je liggen

Slechts dertig procent van de grote uitgevers in Europa is AVG compliant, bij adverteerders is dit cijfer vele malen lager, aldus de verantwoordelijke voor data & privacy IAB Europe Matthias Matthiesen op de privacy town hall van 8 oktober. Logisch dat ze de kat uit de boom kijken tot de eerste dwangsom. Toch is er veel mogelijk binnen de wet, mits juist geïnterpreteerd.

In de maanden sinds de invoering van de Algemene Verordening Gegevensbescherming, heeft de juridische stofkam door de marketingactiviteiten flink wat netelige situaties opgeleverd. Daarbij lijkt het soms alsof de juristen het roer hebben overgenomen op de marketing afdeling. Better safe than sorry. Niemand wil immers met zijn merk op de voorpagina staan met “Merk X overtreedt AVG” of erger nog “Autoriteit persoonsgegevens legt boete op aan Merk Y”. Zichtbare websites zijn vaak het braafste jongetje van de klas, want hen valt het sterkste journalistieke vergrootglas ten deel. Gevolg: te grote juridische veiligheidsmarges, gelijk een luizenmoeder met een tondeuse.

Dit zijn de kansen voor marketeers die AVG goed interpreteren:

  1. Cookie consent: zo laag mogelijke drempel voor acceptatie. (factsheet ICTrecht vind je hier)
  2. Email consent: klant hoeft geen toestemming te geven, prospect met opt-in niet opnieuw om opt-in vragen.
  3. Privacy statement: compleet en inclusief data-onboarding.

 

 

1. Cookie consent

In 2012 rees op menig site een cookiemuur op, die net zo snel weer afgebroken werd toen minister Kamp aangaf dat er geen expliciete toestemming gegeven hoeft te worden. (afgezonderd van de paar sites die een gezellige brief kregen van de autoriteit) De geschiedenis herhaalt zich, zo zorg je er voor dat je tracking en targeting op peil blijft:

  • AVG-Nee
    • Ouderwetse cookiestatement waarin aangegeven wordt dat met gebruik akkoord wordt gegeven.
      • Achter een link wordt uitgelegd welke cookies en optie gegeven deze uit te schakelen.
      • Achter een link wordt uitgelegd welke cookies en hoe deze uit te schakelen in de browser.
  • AVG-OK:
    • Ruim binnen de wet is het tonen van een complete lijst van alle type cookies met verplichte optin per cookie type.
      • Uit pure frustratie zal men veelal nee antwoorden, of erger nog, vertrekken.
      • Zie hier hoe alle verstandige marketeers werden overruled door de chief privacy van de NPO.
    • Aanname dat het binnen de wet valt (zolang de autoriteit persoonsgegevens hier geen uitspraak over doet); een enkele optin waarin toestemming wordt gegeven voor alle cookies. Totdat  
      • De tijdsbesteding is minimaal en daarmee vergroot je de kans dat je beloond wordt met een akkoord op alle cookies.
      • Achter een link wordt uitgelegd welke cookies en optie gegeven deze uit te schakelen, bijvoorbeeld met een Consent Management Platform als Faktor.
    • Zonder akkoord toch Google Analytics afvuren mag indien je voldoet aan de volgende tracking beperkingen (eenvoudig in te stellen via deze GTM settings):
      • Geanonimiseerd IP.
      • Gegevensdeling met Google uitzetten
      • Gegevensverzameling advertentiefuncties uitschakelen
      • Functie voor User ID’s uitschakelen

2. E-mail optin

Inmiddels is de door AVG veroorzaakte e-mailstorm gelukkig weer gaan liggen, ook Google Trends toont aan dat het interesse niveau terug is naar dat van 2017. In de inbox werd pijnlijk duidelijk wie de zaakjes op orde had en wie niet.

  • AVG-Nee: verzoek aan prospects om alsnog in te schrijven, Adverteerders die trachten op hun e-mail bestanden een GDPR compliant opt-in te verkrijgen, kwamen van een koude kermis thuis. Ze waren dus al in strijd met de wet, want geen correcte opt-in, en de conversie naar compliancy is zelden hoger dan 5%.
  • AVG-OK: Je hebt al een opt-in voor e-mail marketing voor prospects? Stuur dan in normale mensentaal de manieren waarop data gebruikt wordt en een link naar de opt-out mogelijkheid. Klanten hoeven geen opt-in gegeven te hebben, de AVG zegt hierover immers: “U mag uw eigen, bestaande klanten digitale direct marketing sturen met aanbiedingen voor andere, vergelijkbare producten of diensten. Uw klanten hoeven daarvoor niet eerst toestemming te geven.” En daarmee is direct marketing via post, e-mail of app conform de wet, zorg natuurlijk wel voor een goede opt-out.

3. Privacy Statement

Het meest taaie stukje van menig website, wees hier compleet en je bent in staat om je CRM intelligentie middels personalisatie uit te breiden naar de site, search en display.

  • AVG-Nee:
    • Incomplete informatie mbt het gebruik van persoonsgegevens. Zoals ICTrecht beschrijft: U moet in eenvoudige  taal precies en volledig uitleggen wat u doet met persoonlijke gegevens. Ook  moet u mensen wijzen op hun rechten, zoals dat men gegevens mag aanpassen, het dossier mag inzien of zelfs laten vernietigen. Bouwt u interesseprofielen op, dan moeten die op verzoek kunnen worden verwijderd. Bovendien moet u ze wijzen op de mogelijkheid een klacht in te dienen bij de toezichthouder, de Autoriteit Persoonsgegevens.
  • AVG-OK:
    • Informeer de gebruiker dat marketinguitingen relevanter worden, doordat pseudonieme persoonsdata met derde partijen gedeeld worden. Pseudoniem of geanonimiseerd betekent versleuteld, dus alleen als de andere partij ook de persoonsinformatie heeft kan een gebruiker herkend worden.
    • Hierdoor ziet de gebruiker meer relevante producten (of juist geen reclame, omdat ze zojuist iets gekocht hebben). Daarmee is customer-match met Facebook/Google en het koppelen van klantdata aan al je marketing kanalen middels data-onboarding conform de wet. Zie ook de factsheet voor data onboarding van DigitalAudience ism ICTrecht.

AVG-OK? Pak de gemiste marketing kansen

Het moge duidelijk zijn wat de waarde is van een hoog acceptatie percentage op cookies en minimale opt-outs uit het mailbestand. Met de juiste privacy statement kan dat e-mail bestand je veel opleveren, zelfs buiten de inbox. Middels data-onboarding of CRM-onboarding, kun je je klantenbestand GDPR-compliant koppelen aan Facebook, Google, Twitter, Pinterest, DSP’s en DMP’s. Daarmee vind je vaak 2x zo veel klanten terug dan dat je je CRM direct koppelt aan Google/Facebook. En daarmee wordt de kracht van je klantenbestand beschikbaar voor alle marketeers. Denk hierbij aan:

  1. Audience suppression: bestaande klanten uitsluiten van acquisitie campagnes in search, display en social. Besparing is afhankelijk van hoe groot je marktaandeel is.
  2. High lifetime value  targeting: trouwe klanten klikken eerder en kopen nog meer.
  3. Save campaigns: ga churn tegen via actieve acties voor inactieve of vertrekkende klanten.
  4. Offline attributie: Als je klantdata hebt uit de winkels, kun je deze koppelen aan bijvoorbeeld je Adwords en DoubleClick campagnes. (zie ook deze case op ThinkwithGoogle)
  5. Site personalisatie: zonder login of cookie van de klant, toch de site kunnen personaliseren door onboarden van CRM data in je personalisatietool.

Iedere toepassing heeft direct effect op ROI, door een hogere kans op relevantie en betere inzichten. Wanneer je die gemiste kans omzet naar gederfde inkomsten lijkt het mij duidelijk dat verkeerde interpretatie van AVG de luis in de pels is.

New Dutch Wave organiseert ‘inkomende handelsmissie’

Een aantal belangrijke en invloedrijke creatieve ondernemers en investeerders komt later deze maand naar Nederland om tijdens het Amsterdam Dance Event (ADE) en de Dutch Design Week (DDW), onder begeleiding van New Dutch Wave (NDW), kennis te maken met de Nederlandse creatieve industrie.

Deze ‘inkomende handelsmissie’ genaamd Counterwave wordt georganiseerd door Brabant C en het investeringsfonds voor Cultuur, samen met onder meer Creative Holland, Westergasfabriek, Gemeente Eindhoven, Hightech XL, Eindhoven 365, BOM, Brainport Development en The Living Museum.

New Dutch Wave wordt elk jaar gehouden tijdens SXSW in Austin, Texas. In 2016 was men tot de overtuiging gekomen dat de Nederlandse initiatieven tijdens het festival – met als pijlers muziek, film en digitaal – gebundeld moesten worden om echt impact te kunnen maken. Jaarlijks telt New Dutch Wave zo’n vijftig deelnemers.

De Counterwave is een logische doorontwikkeling om de banden tussen SXSW, de stad Austin en de VS met ons land- en de creatieve industrie te versterken, stellen de organisatoren.

SXSW wordt volgend jaar van 8 tot en met 17 maart 2019 gehouden. Voor SXSW19 zijn inmiddels sprekers als Wyclef Jean, Joseph Lubin, Zoe Saldana, Maria Shriver en Jeff Zucker aangekondigd.

Advance verwerft meerderheid in Newzoo

Het Amerikaanse Advance Publications heeft een meerderheidsbelang genomen in de Nederlandse games- en e-sportsonderzoeker Newzoo.

Directeur en mede-oprichter Peter Warman van Newzoo uit Amsterdam sluit aan bij het grote uitgeefbedrijf om de groeiperspectieven te verbreden.

“Sinds de opkomt van professionele e-sports als kijksport wordt de lijn tussen traditionele media en sport dunner. Nieuwe, ontwrichtende trends dienen zich al weer aan. Market intelligence wordt voor steeds meer branches relevant. Wij zijn voorlopers en vinden in Advance een partner onder wie we onafhankelijk kunnen groeien in aanpalende sectoren.”

Een eerste concrete samenwerking binnen de bedrijvengroep staat al op de agenda. Newzoo gaat samen met Sports Business Journal een tak ‘market intelligence, data and analytics’ oprichten. Wat Newzoo deed voor gaming en e-sports maar dan voor de fysieke sporten.

Newzoo werd opgericht in 2007 en geldt internationaal als een vaste waarde voor game- en e-sportanalytics. Het werkt onder meer voor Activision Blizzard, PUBG Corp, ESL, Fnatic, Facebook, Amazon, Microsoft, Nvidia, Steelseries, Red Bull en Vodafone. Advance is eigenaar van Condé Nast (w.o. Wired), tientallen Amerikaanse lokale kranten en is mede-eigenaar van onder meer Ars Technica, Reddit, Discovery en Charter Communications.

Financiële details rondom de investering zijn niet bekendgemaakt.

Newzoo ziet dat steeds meer grote, internationale merken e-sports gaan sponsoren.

Foto: vision gaming (cc)

Page generated in 1.529 seconds. Stats plugin by www.blog.ca