Veilingen 5G-frequenties leveren Duitsland 6,6 miljard euro op

De veilingen van de 5G-frequenties leveren de Duitse overheid 6,55 miljard euro op, zo laat de Duitse toezichthouder BnetzA vrijdag weten. Een vierde nieuwe netwerkeigenaar, 1&1 Drillisch, betreedt de markt.

De bekendmaking markteert het einde van een drie maanden durend biedingsproces op tientallen frequentieblokken.

Marktleider Deutsche Telekom, eigenaar van T-Mobile, betaalde 2,2 miljard euro en Vodafone legt 1,9 miljard euro op tafel om de infrastructuur te kunnen gaan bouwen voor het industriële mobiele breedbandnetwerk. Telefónica Deutschland (O2) betaalt voor iets minder capaciteit 1,4 miljard euro en ‘nieuweling’ 1&1 Drillisch betaalt 1,1 miljard euro.

1&1 Drillisch was tot nu toe een mobiele virtuele netwerkaanbieder op het net van Vodafone en O2. Het exploiteert meedere mobiele merken. Naast mobiele diensten levert het ook vaste telecom-, internet- en tv-diensten. 1&1 is onderdeel van United Internet, net zoals bijvoorbeeld Strato.

Online gemeenschap over slimme mobiliteit

De provincie Noord-Holland heeft samen met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (I&W), de ANWB, de RAI vereniging en het CBR een online gemeenschap opgezet over slimme mobiliteit.

Op slimonderweg.nl informeren weggebruikers elkaar en wordt informatie gedeeld over de kansen en risico’s van slimme mobiliteit. Technologische ontwikkelingen gaan razendsnel, auto’s nemen bestuurderstaken uit handen, verkeerslichten kunnen communiceren met het verkeer en mobiliteitsapps bieden meer en up-to-date reisinformatie.

Weggebruikers kunnen op het platform hun kennis testen op het gebied van Smart Mobility. Het online spel Haal je slimme rijbewijs laat in enkele verkeerssituaties zien welke technische hulpmiddelen tegenwoordig beschikbaar zijn om de verkeersveiligheid te verhogen.

EU-landen en autofabrikanten delen informatie voor meer verkeersveiligheid

Europese lidstaten, autofabrikanten en aanbieders van navigatiesystemen gaan informatie over de omstandigheden op weg delen om zo de verkeersveiligheid te verbeteren. Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat sprak dit maandag af samen met vier andere Europese landen tijdens het ITS-congres in Eindhoven.

Moderne auto’s registreren steeds beter de omstandigheden op de weg. Denk aan gladheid, een spookrijder of een pechgeval op de vluchtstrook. Als deze informatie direct gedeeld wordt met wegbeheerders en andere auto’s op hetzelfde traject, kunnen automobilisten hun rijgedrag aanpassen en worden ongelukken en vertraging voorkomen.

Op het ITS-congres ondertekende minister Van Nieuwenhuizen ook met tientallen partijen een convenant om de bekendheid en het veilig gebruik van zogenoemde Advanced Driver Assistance Systems (ADAS) te vergroten. Voorbeelden van ADAS zijn automatische remsystemen, detectiesystemen voor de dode hoek en systemen die de auto helpen op de eigen rijstrook te blijven. Het op de juiste manier gebruiken van deze rijhulpsystemen maakt een auto veiliger en duurzamer.

Ook op het gebied van goederenvervoer werden op het congres vandaag stappen gezet. Zo gaan vanaf eind dit jaar vrachtwagens op drie goederencorridors in ons land logistieke data uitwisselen. Het gaat dan onder meer om informatie over milieuzones, de beschikbaarheid van parkeerplaatsen, adviessnelheden en het voorspellen van de aankomsttijden bij terminals.

15 procent Nederlandse huishoudens heeft slimme thermostaat

Dankzij een smartphonepenetratie van ruim 90 procent, aanwezigheid van tablets in ruim twee derde van de huishoudens en steeds betere indoor wifidekking zijn Nederlandse huishoudens uitstekend uitgerust voor smart home-producten. Dat concludeert Telecompaper.

Het meest populair in de woning is de slimme thermostaat, van bijvoorbeeld Toon of Nest. 15 procent van de huishoudens heeft deze al in huis.

Na de slimme thermostaat komen verlichting en beveiligingscamera’s gezamenlijk op de tweede en derde plek. Bij verlichting gaat het onder andere om Hue-verlichting van Philips die op afstand regelbaar is met een smartphone of tablet.

Het rijtje wordt afgesloten door smart speakers, zoals Google Home of Alexa, in 6 procent van de huizen staat dit smart home apparaat.

Het aantal huishoudens met een smart home-apparaat zal volgens Telecompaper blijven groeien. Op de vraag aan Nederlandse consumenten of zij binnen zes maanden een smart speaker zullen kopen antwoordt vier procent dat dit het geval is. Bij de andere smart home apparaten ligt dit percentage ook tussen de vier tot zes procent.

5G maakt serieuze toepassing IoT in veel meer industrieën mogelijk

Het duurt nog een jaar of drie, vier voordat Nederland een landelijke 5G-dekking heeft, maar voor bedrijven wordt nu al goed duidelijk hoe ze ervan kunnen profiteren. De hogere snelheid en veel lagere vertraging in het mobiele netwerk, brengen een heel nieuwe kijk op producten en diensten mee. De kansen en – ook – technische uitdagingen op een rij.

De jarenlange belofte van het internet of things krijgt eindelijk serieuze vorm. De aangekondigde uitrol van 5G zorgt ervoor dat veel meer apparaten met een betrouwbaarder mobiel internet zijn te verbinden. Voor allerlei typen bedrijven biedt dit nieuwe mogelijkheden. Van de met sensoren uitgeruste vliegtuigmotoren tot aan de zorg op afstand worden dan werkelijkheid. Ook in Nederland zijn de eerste 5G-experimenten inmiddels gestart.

Wat 5G nodig maakt

De opvolger van 4G, waarvoor een totaal nieuwe architectuur is opgetuigd, wordt met twee gedachten in het achterhoofd ontwikkeld. Door de enorme toename van het aantal mobiele verbindingen is 4G niet langer toereikend. Zodra allerlei industriële sensoren en consumentenproducten ook een verbinding maken, is een grotere capaciteit nodig. Met de komst van 5G zijn een miljoen apparaten per vierkante kilometer aan te sluiten op het internet. Dat is honderd keer meer dan nu. Daarnaast vereisen veel van die apparaten een veel lagere ‘latency’, de vertraging in de verbinding. De informatie-uitwisseling tussen zelfrijdende trucks of tijdens operaties op afstand moet natuurlijk realtime zijn. 5G belooft die vertraging terug te brengen tot één milliseconde.

In de meeste landen zijn bedrijven in de telecom en technologie inmiddels druk met het opbouwen van een netwerk. De eerste pilotprojecten zijn er van start gegaan. Japan en Zuid-Korea hebben 5G zelfs al commercieel beschikbaar. De verwachting is dat Europa tussen 2020 en 2022 beschikt over een 5G-netwerk in de dichtbevolkte gebieden. Het zal vervolgens nog tot 2030 duren voordat ook de buitengebieden zijn voorzien.

Concrete toepasbaarheid

Hoewel het dus nog een aantal jaren duurt voordat 5G is te gebruiken, wordt nu al steeds duidelijker op welke manieren bedrijven kunnen profiteren van de technologie. In bijna elk proces verwachten kenners wel de nodige ‘disruptie’. Het heeft vooral te maken met de verwachte lage kosten van het online brengen van apparaten. Daardoor worden de eerder geschetste IoT-scenario’s ineens reëel en schaalbaar.

In algemene zin is te stellen dat de automatisering en digitalisering van operating systems een serieuze vlucht zullen nemen. Taken die nu nog handmatig en analoog worden verricht, zijn met behulp van sensoren realtime te maken.

Vooral in de mobiliteit gaat 5G een grote rol spelen. Auto’s en andere vervoersmiddelen die zelfstandig functioneren, kunnen dat ook plotseling in praktijk brengen zodra ze realtime informatie kunnen uitwisselen. Daarbij valt te denken aan het in goede banen leiden van autoverkeer en de verbinding met verkeerslichten. In het vrachtverkeer is op afstand uit te lezen welke goederen er zijn in- of uitgescand en onder welke temperatuur en andere condities die in het laadruim worden bewaard. Dat maakt bovendien duidelijk hoeveel verspilling er in de keten voorkomt en hoe die verspilling is te verkleinen.

In Nederland zijn er al mooie voorbeelden te zien van hoe 5G in een meer industriële omgeving is te gebruiken voor het efficiënter maken van bedrijfsprocessen. Zo is in het Rotterdamse havengebied een proef aan de gang waarbij bedrijven een groot aantal sensoren uitrollen op hun industriële site om bijvoorbeeld preventief onderhoud te kunnen uitvoeren. Ook zijn schepen voorzien van sensoren die kapiteins voorzien van extra informatie. De sensoren maken het bijvoorbeeld mogelijk de schepen automatisch te laten manoeuvreren over het water. Dit heeft nu al geleid tot een reductie van twee procent in brandstofgebruik. Daarnaast loopt er een project voor een bouwer van vliegtuigmotoren. Deze motoren geven op korte termijn een aantal parameters door die nodig zijn voor preventief onderhoud. Theoretisch is het voorstelbaar dat een bedrijf vervolgens ook tot een nieuw verdienmodel kan komen. In plaats van technologie te verkopen, brengt het bijvoorbeeld een gegarandeerd aantal vlieguren op de markt.

Het mooie ervan is dat niet alleen de meest innovatieve bedrijven profiteren van 5G. Of het nu een wasmachinefabrikant is, de uitbater van digitale reclamepanelen in de bus, of een schoonmaakbedrijf van openbare toiletten, stuk voor stuk kunnen ze hun objecten straks betrouwbaar monitoren en bijvoorbeeld nauwkeurigere servicecontracten verkopen.

Wat kunnen bedrijven nu al doen?

Vooral de bedrijven die verwachten hun diensten ermee te kunnen verbeteren, kunnen nu al de nodige voorbereidingsstappen zetten. Het vraagt allereerst om een investering in onderzoek en ontwikkeling: daardoor zijn er eerste experimenten op te zetten met bijvoorbeeld sensoren. Op de iets langere termijn is het goed om vervolgens te redeneren uit de belangrijkste use cases.

Wat betekent 5G voor de producten dat een bedrijf aanbiedt? Welk gedrag wil men hiermee ondersteunen? Vervolgens is het verstandig om na te denken over de benodigde ‘capabilities’. Is de juiste kennis in huis om een route voor de ontwikkeling samen te stellen en de data om te zetten in meerwaarde? En beschikt de onderneming al over een portal om die data bijvoorbeeld te ontsluiten richting de eindgebruikers?

De (technische) uitdaging: samenwerken

Voor veel (product)bedrijven zijn dit relatief nieuwe vragen en vaardigheden. Om tot creatieve toepassingen te komen is het advies dan ook partnerships te ontwikkelen. Zoek bijvoorbeelden anderen in de keten op, in plaats van zelfstandig het wiel uit te vinden. Praktisch alle huidige experimenten met 5G zijn een resultaat van zo’n samenwerking – simpelweg omdat daardoor meer te bereiken is.

Misschien wel de grootste uitdaging van 5G is het op orde krijgen van de dekkingsgraad. Voor telecomoperators kan het bedrijfseconomisch niet uit om los van elkaar – zonder samenwerking – in de buitengebieden voor voldoende 5G-masten te zorgen. En in de steden worden juist weer dermate veel masten verwacht dat er zorgen zijn voor de gezondheidsschade. Het antwoord op deze uitdaging vraagt om een nieuwe handelswijze van telecombedrijven. Ze kunnen er niet omheen samen op te trekken en de netwerken met elkaar te delen. Alleen zo is het eigen netwerk te verdichten en van dit innovatieve langetermijnproject een succes te maken.

KPN Ventures investeert in Finse IoT-specialist

De investeringstak van KPN doet mee aan een investeringsronde van 14,4 miljoen euro in het Finse bedrijf Wirepas. Dat ontwikkelde een platform voor industriële toepassingen voor Internet of Things.

Naast KPN Ventures treedt ook het Finse industriële fonds TESI toe als nieuwe aandeelhouder in Wirepas. De zittende aandeelhouders ETF Partners, Inventure en Vito Ventures doen ook mee. Dat brengt het totaal aan extern aangetrokken durfkapitaal op 22 miljoen euro.

Wirepas is een negen jaar oud bedrijf dat een hardwareonafhankelijk radioprotocol ontwikkelde voor gedecentraliseerd netwerken van op grote schaal ingezette IoT-toepassingen. Dat is een breed spectrum dat varieert van asset tracking tot smart cities en verlichting.

De Finnen gebruiken het groeigeld om sneller te kunnen groeien in het buitenland, zelfstandig en via partners. KPN kan de zakelijke markt IoT-technologie aanbieden die werkt op zijn M2M-, LoRa-, LTE-M- en later ook 5G-netwerk.

Foto: Marco Nürnberger (cc)

Orange België investeert in IoT-start-up

Mobiele aanbieder Orange België leidt een investeringsronde waarbij start-up CommuniThings drie miljoen euro ontvangt. Het bedrijf is gespecialiseerd in parkeertoepassingen voor IoT-netwerken.

Het meest praktische wat CommuniThings doet, is de eeuwige vraag beantwoorden ‘Waar kan ik parkeren?’. Het bedrijf ontwikkelde namelijk een hufterproof parkeersensor voor in het asfalt die via een low latency smalband datanetwerk vertelt of en tot wanneer een parkeerplaats is bezet. En wat de route naar vrije plekken is.

Aan de andere kant: een mobiele app kan parkeerwachters vertellen waar de foutparkeerders staan.

Dit is een typische IoT-toepassing voor netwerken als LoRaWAN en NB-IoT. Nederlandse mobiele netwerken hebben deze ook in bedrijf.

Met de drie miljoen groeigeld, samengebracht door Orange, Finance.Brussels en Essex Innovation, wil CommuniThings zijn diensten naar andere eigenaren van smalbandnetwerken uitrollen. Vertegenwoordigers van die bedrijven kunnen naar werkende installaties gaan kijken in onder meer Luik, Brussel, St-Ghislain (Shop & Drive), Aarschot, Asse en Deerlijk.

Signify koopt wifispecialist uit Hong Kong

Signify, het voormalige Philips Lighting, heeft een bedrijfje uit Hong Kong overgenomen dat gespecialiseerd is in aanstuurtechnieken via wifi.

Signify lijkt wat betreft slimme verlichting een voorkeur te hebben voor standaarden als Zigbee en wifi in plaats van Bluetooth Mesh dat nog van de grond moet komen.

Een woordvoerder vertelt LEDS Magazine dat Wifi gecontroleerde verlichting een groeimarkt is.

WIZ Connected heeft 53 werknemers.

Foto: Pixabay

Mozilla lanceert IoT platform WebThings

Mozilla, de nonprofitorganisatie achter Firefox, heeft zijn IoT project WebThings officieel gelanceerd. Het platform, gebaseerd op de standaard Web of Things, was voorheen bekend als Project Things.

Project Things werd ruim een jaar geleden aangekondigd en maakt gebruik van standaarden als HTTP, JSON, OAuth en WebSockets.

Het platform bestaat uit twee belangrijke onderdelen: WebThings Gateway (versie 8) zorgt voor de beveiligde opslag van gegevens uit slimme apparaten, en visualiseert het een en ander via interactieve grafieken. Ook verwerkt het platform waarschuwingen van rook- en bewegingsdetectoren.

WebThings Framework is een bibliotheek van herbruikbare webcomponenten.

Foto Shutterstock

Slimme watertaxi moet autonoom door Rotterdam gaan varen

Sinds deze week vaart er een KPN-watertaxi over de Rotterdamse Maas. Nu nog mét kapitein, maar met de ambitie om de boot op termijn autonoom te laten varen, op het netwerk van KPN, zo belooft het telecombedrijf.

De watertaxi werd dinsdag gedoopt door Judith Bokhove, de Rotterdamse wethouder Jeugd, Mobiliteit en Taal en Carolien Nijhuis, directeur Internet of Things bij KPN.

De watertaxi moet op termijn door middel van AI (Artificial Intelligence) en IoT (Internet of Things) volledig autonoom gaan varen. De slimme watertaxi is uitgerust met hoogwaardige technologie die alle manoeuvres van de watertaxi op de Nieuwe Maas over een langere periode registreert en analyseert.

Hierbij werkt KPN samen met verschillende partners waaronder de gemeente Rotterdam, Spring Holding (eigenaar van de Watertaxi Rotterdam) en Captain AI, een startup die software ontwikkelt om veilig en autonoom varen mogelijk te maken. De watertaxi is te herkennen aan het KPN-logo op de boot.

ACM wil een soort PSD2 voor data uit slimme meter

Energieconsumenten moeten zelf toestemming kunnen geven aan dienstverleners voor het gebruik van data uit hun slimme meter. Met deze diensten kunnen consumenten hun slimme meter beter benutten en een bijdrage leveren aan de energietransitie. Dat stelt toezichthouder ACM in haar Visie datagovernance energie.

Het huidige beheermodel voor energiedata is nog steeds gebaseerd op een situatie waarin meetdata één keer per jaar werden opgevraagd bij de kleinverbruiker en er sprake was van een marktmodel met een beperkt aantal rollen.

De ACM constateert (pdf) dat er onder marktpartijen nog veel onduidelijkheid bestaat over de wijze waarop de datagovernance momenteel is ingericht en daarmee over wie onder welke voorwaarden toegang tot energiedata heeft of moet krijgen. Partijen geven aan niet te willen investeren in nieuwe producten of diensten omdat het hun onduidelijk is wat de regels zijn of gaan worden. Deze onduidelijkheid werkt belemmerend op de ontwikkeling van de markten voor nieuwe energiediensten.

Afhankelijk van de ontwikkelingen, is het zeer wel mogelijk dat ook nu nog onbekende partijen producten en diensten gebaseerd op meetdata gaan aanbieden. Ook deze nieuwe marktpartijen moeten onder dezelfde voorwaarden als de gevestigde marktpartijen toegang kunnen krijgen tot meetdata. Deze meetdata kunnen zowel individueel herleidbaar zijn als geaggregeerd.

De data uit de slimme meters moeten volgens de ACM op een onafhankelijke manier worden beheerd. De bedoeling is dat alle marktpartijen onder gelijke voorwaarden toegang tot de data hebben. Ze mogen per consument echter alleen de data inzien en gebruiken als die consument daar expliciet toestemming voor heeft gegeven.

De ACM noemt verschillende organisaties die het onafhankelijke beheer van de data zouden kunnen inrichten, zoals netbeheerders en commerciële partijen. Naast de betrouwbaarheid, de betaalbaarheid en de veiligheid van het systeem, staat de privacy van de consument bij het databeheer voorop.

Op dit moment, heeft de uitrol van slimme meters voor iets meer dan de helft plaatsgevonden. En terwijl de markten rondom de meetdata nog tot ontwikkeling moeten komen, krijgt de ACM al veel signalen van marktpartijen over de kwaliteit van de data die door de netbeheerders wordt aangeleverd. Deze is nog van onvoldoende kwaliteit om volwaardige en betrouwbare diensten aan de consument te kunnen leveren. Met name ontbreken er nog te vaak meetwaarden, bijvoorbeeld door storingen of doordat de slimme meter uit staat. Hierdoor worden nieuwe businessmodellen in het kader van de energietransitie, zoals flexibele leveringstarieven, belemmerd in hun ontwikkeling.

Wat gaat AI betekenen voor een duurzame wereld?

Technologie zoals Artificial Intelligence biedt grote kansen voor een meer duurzame wereld. Juist nu we nog aan het begin staan van een hoogstwaarschijnlijk revolutionaire ontwikkeling wordt de urgentie groter na te denken over de manier en de richting waarin AI en alle andere technologieën daaromheen zich moeten ontwikkelen.

De ontwikkeling van AI wordt steeds actueler nu er allerlei technieken ontwikkeld zijn waarmee die data beschikbaar komen. Drones komen op plaatsen die moeilijk bereikbaar zijn, sensoren registreren veranderingen in de omgeving en ‘the internet of things’ verzamelt de gegevens van huizen en het gebruik van apparaten. Deze gegevens kunnen worden gecombineerd, berekend worden door algoritmes om op basis daarvan waarnemingen te doen en/of beslissingen te nemen.  

Technologie omarmen voor een duurzame wereld

Er zijn inmiddels vele voorbeelden die illustreren waarom het nut heeft om nieuwe technologie te omarmen als je naar een duurzame wereld streeft. Denk aan slimme energienetwerken die op basis van data reageren op de wisselende vraag naar energie. Hierdoor kan wind- of zonne-energie efficiënter verspreid worden en ontstaan er elektriciteitsmeters die in staat zijn om aan te geven wanneer het aanbod aan energie groot is en wanneer het een goed moment is om je elektrische auto op te laden of de was te doen.

Of denk aan onderzoek naar de invloed van vervuiling en klimaatverandering op het gedrag van dieren in gebieden waar mensen nauwelijks kunnen komen of waar hun aanwezigheid de dieren vooral veel stress oplevert. Drones kunnen daar data verzamelen over zaken als temperatuur, begroeiing en verstoringen waarna wetenschappers honderden kilometers verderop met behulp van algoritmen onderzoek doen en verbanden leggen.

Nadenken over richting ontwikkeling AI

Ondanks de ‘buzz’ die er om AI hangt, moet de grootschalige inzet ervan nog komen. Uit onze jongste wereldwijde CEO Survey komt bijvoorbeeld naar voren dat nog maar weinig bedrijven AI breed inzetten. Een derde zegt op beperkte schaal te zijn begonnen met de inzet van AI. Nog een derde is van plan daar de komende drie jaar mee te beginnen. Juist nu we nog aan het begin staan van een hoogstwaarschijnlijk revolutionaire ontwikkeling wordt de urgentie groter na te denken over de manier en de richting waarin AI en alle andere technologieën daaromheen zich moet ontwikkelen.

Want AI kan bijdragen aan duurzaamheid, maar de voorwaarde daarvan is wel dat we de ontwikkeling van die technologie in de goede richting sturen. Nieuwe technologie kan namelijk ook de ongelijkheid in de wereld vergroten doordat de ene burger/groep/land/regio er wel toegang tot heeft en de andere niet. Dataverzameling is enorm behulpzaam bij het efficiënt verspreiden van zonne-energie, maar kan ook leiden tot privacyschendingen. Kortom: beslissingen die de computer neemt op basis van dilemma’s moeten wel de goede beslissingen zijn en het gevolg zijn van goede afwegingen die die mensen die de machines maken moeten nemen.

SDG’s als leidraad voor de ontwikkeling van technologie

Ik denk dat we de Sustainable Development Goals (SDG) van de VN moeten inzetten als ontwikkelingskader voor nieuwe technologie. Deze SDG’s hebben betrekking op de grootste problemen in de wereld, zoals armoede, ongelijkheid en klimaatverandering en elke innovatie kan getoetst worden of ze de realisatie van de doelen uiteindelijk dichterbij of verder weg brengen. Kun je door het inzetten van datagedreven beslissingen, bijvoorbeeld over de toegang tot uitkeringen, opleidingen of stimuleringsmaatregelen, voorkomen dat bepaalde groepen worden uitgesloten (SDG 10 – Reducing inequalities)?

Hoe zorgen wij ervoor dat de nieuwe technologie niet exclusief is, maar dat iedereen toegang ertoe heeft- ook naar de vaardigheden die nodig zijn om het optimaal te benutten (idem – SDG 10)? Denk je nu al na over hoe je de gegevens die je in de toekomst verzamelt over je waardeketen kunt gebruiken om schaarse grondstoffen optimaal te gebruiken en hergebruiken (SDG 12 – Responsible consumption and production)? Houd je rekening met de gevolgen van het inzetten van robots op het aantal werkplekken en het type werk (SDG 8- Decent work and economic growth)?

Nieuwe technologie moet in lijn zijn met waarden

Nieuwe technologie moet ontwikkeld worden volgens de waarden die we belangrijk vinden. De SDG’s geven de richting aan waarin de wereld wil ontwikkelen. Laten we de SDG’s dan ook als leidraad nemen bij de ontwikkeling van nieuwe technologie. Dan zullen nieuwe technologieën daadwerkelijk bijdragen aan de realisatie van deze ambities.

Internet of Things: koplopers hebben duurzame economische voordelen

We zijn naarstig op zoek naar oplossingen voor de huidige milieu- en klimaatproblemen. Internet of Things kan daar een flinke bijdrage aan leveren. Hoe? In dit artikel deel ik verschillende cases en voorbeelden, waarbij Internet of Things-technologie niet alleen intrinsiek duurzaam blijkt, maar ook interessante milieuvriendelijke businessmodellen oplevert. Nieuwe technologie is door mensen steeds aangewend […]

Belgische netbeheerders starten het Internet of Energy

De Belgische netbeheerders Elia, Fluvius, ORES, Sibelga en Resa hebben het IO.Energy project (Internet of Energy) gelanceerd, een pioniersproject dat door uitwisseling van data de ontwikkeling van nieuwe diensten mogelijk wil maken.

Dankzij een digitaal communicatieplatform kan de eindgebruiker zijn productie- en consumptiegedrag aanpassen aan de ‘noden van het moment’. Door bijvoorbeeld het verbruik op piekmomenten te vermijden, zal de consument zijn energiefactuur kunnen optimaliseren.

Er wordt samengewerkt met start- en scale-ups zoals Thermovault en N-SIDE, maar ook bekendere namen als Engie Electrabel, Proximus, BNP Paribas Fortis, Fluxys, Besix en REstore. Alle hebben ze stukjes van de puzzel in handen die nodig zijn om het elektriciteitssysteem van de toekomst op te zetten en nieuwe producten en diensten mogelijk te maken.

‘Uitrol 5G duurt nog tien jaar’

Het duurt nog tien jaar voordat 5G goed is uitgerold in de ontwikkelde landen, aldus een onderzoeker van Deloitte.

Paul Lee, Global Head of TMT Research, stelt dat het nog jaren kan duren voordat de belofte van 5G-technologie op mobiele netwerken wordt ingelost. Hij spreekt over tien jaar. Er zit een behoorlijk gat tussen verwachtingen en praktijk.

Lee zei dat op telecombeurs MWC Barcelona die nu gaande is in Spanje.

Tijdens die beurs struikelden de grote toestelfabrikanten over elkaar om hun eerste generatie 5G-telefoons te presenteren. Die zijn geschikt voor de toekomstige telecomnetwerken. Ook de verkopers van netwerkapparatuur maken zich op om overal in de westerse wereld nieuwe hardware en software uit te leveren voro de opvolger van de 4G-netwerken. Dit proces gaat wel gepaard met politieke gevoeligheden rondom mogelijke aftapbaarheid van Chinese apparatuur.

Het Hoofd Research van Deloitte schetst dat 5G-netwerken heel anders dan 4G-netwerken gebruikt gaan werken. Niet enkel ligt de theoretische snelheid veel hoger, maar ook de latency is veel lager en ze kunnen vele malen meer connecties aan dan nu mogelijk. Genoeg om het internet of things vorm te gaan geven. 5G kan worden gezien als het eerste soort netwerk waar machines de grootste gebruikers zullen zijn in plaats van mensen.

Foto: barcelona_cat (cc)

Page generated in 1.138 seconds. Stats plugin by www.blog.ca