Tenminste houdbaar tot…

Technologie heeft een steeds beperkter houdbaarheid. Bestaande technologie wordt ingehaald door verbeterde, of veel goedkopere alternatieven. Zo nadert bijvoorbeeld het einde van de mediadrager en hoe staat het eigenlijk met Second Life? Hoe lang blijft Twitter nog populair?

Het gebruik van sociale media groeit enorm en heeft porno als absolute killer app op het internet ingehaald. Op de site Socialnomics.net is het filmpje “Is social media a fad”te zien, waarin de feiten op rij worden gezet. Zo deed radio als medium er 38 jaar over om 50 miljoen mensen te bereiken, TV 13 jaar, het internet 4 jaar, de Ipod 3 jaar en Facebook tenslotte kon 100 miljoen gebruikers welkom heten binnen een periode van 9 maanden, oftewel (zo wordt in het filmpje vermeld) “If Facebook were a country, it would be the 4th largest country in the world”.
Op Twitter hebben de Amerikaanse acteur Ashton Kutcher en talkshow host en cabaretière Ellen Degeneres meer volgers (7,5 miljoen) dan de bevolking van Ierland of Noorwegen.

Hype Cycle
Onderzoeksinstituut Gartner gebruikt de “hype cycle” methode om het verloop van een hype in kaart te brengen. Daarvoor gebruiken ze een grafiek met een X (visibility) en Y (time) as waarin ze vijf fasen definiëren.
Het begint met de technologische trigger die ontstaat door enorme aandacht van de pers voor een nieuwe ontwikkeling en de daarmee gepaard gaande interesse die gekweekt wordt bij een groot publiek. Die fase wordt gevolgd door een piek die met name ontstaat door overenthousiasme en onrealistische verwachtingen. De volgende fase in het proces is de desillusiefase, de fase waarin de verwachtingen niet worden waargemaakt en het publiek en de pers massaal afhaakt. Daarna komt de realistische fase waarin de werkelijke business cases gezocht worden, de ontwikkeling volwassen kan worden en vooral praktische toepassingen gezocht worden. Tenslotte, als het om en duurzame ontwikkeling gaat, is er de consolidatiefase waarin de techniek algemeen geaccepteerd wordt en de praktische toepassingen nut en noodzaak hebben bewezen. Meestal gaat deze fase lang mee, afhankelijk van het feit of de toepassing een wijd afzetgebied kent of enkel toepasbaar is in een niche markt.

Diffusion of Innovations
De Amerikaanse socioloog Everett Rogers, bedenker van het word “early adopter”, ontwikkelde een theorie, “diffusion of innovations”, over de acceptatie van nieuwe technologie.Volgens Rogers heeft het publiek verschillende niveaus als het gaat om ontvankelijkheid voor nieuwe technieken. Hij maakt daarbij onderscheid tussen Innovators, Early adopters, Early Majority, Late Majority en Laggards, zeg maar de conservatieven. De weg naar volwassenheid van technologie kan onderverdeeld worden in een aantal stadia. Bleeding edge, de eerste fase waarin de technologie wel een hoge potentie laat zien, maar de waarde nog niet helemaal bewezen is, de Leading edge, waarin wel al bewezen is dat de technologie werkt, maar implementatie en support nog niet uitgekristalliseerd is, State of Art, iedereen vindt dat de technologie de juiste oplossing is, Dated, nog altijd bruikbaar, maar een alternatief is voorhanden en tenslotte Obsolete, ingehaald en langzaam uitgefaseerd.

Mediadragers
De ontwikkelingen in de online media zijn niet meer te vergelijken met de levenscycli van de oude mediadragers. Tot voor kort was de enige manier om muziek te beluisteren of beeld te bekijken via de lineaire mediakanalen zoals radio en televisie, of via dragers zoals CD’s en DVD’s. Ik vraag me af of met de komst van online media de noodzaak om mediabestanden fysieke in bezit te hebben zal afnemen. Als geluid en beeld altijd online beschikbaar is, waarom zou je dat dan opslaan op een MP3 speler of mediadrager?Niet denk ik, waarmee onvermijdelijk een einde zal komen aan die mediadrager.Kijkend naar de historie, zie je dat technologie vroeger een veel langere lifecycle kende en minder vaak vervangen werd door alternatieven. Door de jaren heen zijn er veel verschillende dragers geweest, het begon met de Phonographic cylinder uit 1870 waar op een cilinder een waslaag werd geplaatst die vervolgens gegraveerd werd. De eerste grammofoonplaat werd in 1910 gemaakt van organisch materiaal en in 1950 vervangen door vinyl. De grammofoonplaat is nu nog gebruikt.

Daarna was het (vanaf 1930) de tijd van de bandrecorder, voorafgegaan door de wirerecorder (geluid op een metalen draad). De eerste echte reel-to-reel recorders werden in 1940 op de markt gebracht, daarna volgde vanaf 1963 de cassettebanden. CD’s, de eerste optische dragers, werden uitgevonden door samenbundeling van de research krachten van Philips en Sony. De eerste CD’s werden op de markt gebracht in 1982, gevolgd door de DAT tape, een magnetische band waarop digitale audio kon worden opgeslagen. De eerste tapes kwamen op de markt in 1987 maar zijn inmiddels weer van de markt.

Philips heeft ook geprobeerd om een digitale cassette op de markt te brengen in 1992, kortweg genaamd DCC, maar dat was een totale mislukking. Na amper vier jaar werd de DCC weer van de markt gehaald vanwege teleurstellende verkoopresultaten. Sony had de markt beter ingeschat. Tegelijkertijd met de DCC bracht Sony de minidisc op de markt. De techniek is in gebruik geweest tot ongeveer 2007.

In 1996 werd de DVD verkocht. DVD stond in eerste instantie voor Digital Video Disc, maar om de veelzijdigheid van de disc te benadrukken werd dat veranderd in Digital Versatile (veelzijdig) Disc. DVD-A (audio) werd vooral in de Verenigde Staten gebruikt als enkel audiodrager, meestal voorzien van een surround formaat, 5.1 bijvoorbeeld, in combinatie met een stereo mix. De tegenhanger van DVD-A was SACD (Super Audio CD), ook geen succes. In 1995 is al begonnen met de ontwikkeling van de Blu-Ray, maar het duurde tot 2003 voordat de eerste Blu-Ray recorder op de markt werd gebracht door Sony.

Tenminste houdbaar tot….
Geldt zeker ook voor technologie. Hield de grammofoonplaat nog 100 jaar stand, de DVD dreigt al na 14 jaar vervangen te worden door een alternatief. Online diensten zoals Twitter en Facebook kunnen veel eenvoudiger vervangen worden door alternatieven dan de fysieke dragers waar altijd een logistiek operatie voor nodig is, zoals het omruilen van players. Second Life, gelanceerd in 2006 en aanvankelijk enorm populair, gaat zich nu richten op de zakelijke markt met ondermeer videoconferencing toepassingen omdat het aantal actieve gebruikers zwaar tegen valt. Het bedrijf 013, de Nederlandse vertegenwoordiger van Linden Research (de maker van Second Life), houdt het voor gezien en stopt alle activiteiten met betrekking tot Second Life. De Twitterpopulariteit moeten we wellicht ook in dat licht zien.

Hoe jonger de ontwikkeling, hoe korter de lifecycle.

Dit artikel verschijnt in het komende nummer van het blad AV&Entertainment 

Page generated in 0,664 seconds. Stats plugin by www.blog.ca