Google-accounts op iOS nu geschikt voor bijna alle fysieke beveiligingssleutels

Google-accounts zijn nu beter te beschermen met fysieke beveiligingssleutels. Google heeft de ondersteuning voor fysieke sleutels uitgebreid met een extra beveiligingslaag voor NFC, USB-C en Lightning.

Het artikel Google-accounts op iOS nu geschikt voor bijna alle fysieke beveiligingssleutels verscheen voor het eerst op iCulture

Waarom verrijking van productdata essentieel is in je nieuwe Organic Google Shopping strategie

Google geeft retailers en merken een alternatief op Amazon om producten gratis te verkopen in organische Google shopping resultaten. Deze koerswijziging is duidelijk een strategische zet om de concurrentie aan te gaan met Amazon.

Het aantal verkopers zal gaan toenemen, omdat Google nu echt een manier heeft gevonden om vraag en aanbod bij elkaar te brengen, en dan met consumenten waar de zoekintentie voornamelijk aankoopgericht is. Met het bredere aanbod en de uitgebreide prijsvergelijking zal dit een rijke shopping ervaring zijn. Echter is dit natuurlijk ook een manier voor Google om ervoor te zorgen dat retailers meer gaan adverteren met Google Shopping ads. Graag leg ik je in dit artikel uit welke strategie je het beste kunt hanteren om zo goed mogelijk vindbaar te zijn. Dit kun je heel simpel doen door productdata toe te voegen in je datafeed en landingspagina, waardoor je consumenten de beste ervaring kunt geven.

Transformatie van zoekmachine naar e-commerce omgeving

In een recent artikel beschreef ik de nieuwe functionaliteit van Google genaamd Google Shopping actions waarbij consumenten met een universeel winkelmandje in de Google Shopping omgeving gemakkelijk producten kunnen bestellen. Nu zijn vorige maand ook de organische shopping resultaten uitgerold in de VS. Je kunt je hiervoor als Nederlandse retailer al aanmelden in het Merchant center. Door integraties en het partnership met PayPal en e-commerce platformen is Google in staat om het volume op het platform toe te laten nemen. Het aantrekken van meer verkopers zou moeten resulteren in een groter en breder aanbod voor de consument. Natuurlijk moeten er meer klanten en adverteerders (die klanten hopen aan te trekken) volgen. Want: meer zoekopdrachten, van meer mensen, naar meer producten, leidt uiteindelijk tot meer resultaten. In 2019 werd 89% van al het Google Shopping verkeer gegenereerd door non-brand retail zoektermen. 

Bron: Merkle Digital marketing rapport Q1 2020.

Dit geeft aan dat het verkeer richting organic shopping resultaten ook voornamelijk zal bestaan uit generieke, concurrerende keywords. Je dient dit net als bij search te optimaliseren door middel van een SEO strategie, hier kom ik later in het artikel op terug. 

Waar ik erg benieuwd naar ben is hoeveel gratis verkeer Google naar de concurrent Amazon gaat sturen. Amazon heeft in bepaalde categorieën namelijk een hoog vertoningsaandeel in vergelijking met Google Shopping advertenties en zal daarom ook goede rankings behalen in het organische deel. 

Bron: Merkle Digital marketing rapport Q1 2020.

Naar mijn verwachting zal Google Shopping actions, de betaalde shopping resultaten met afrekenmodule, door deze wijziging ook sneller worden uitgerold. 

Hoe maak je gebruik van de gratis Google Shopping resultaten?

De organische Google Shopping resultaten zijn beschikbaar voor alle verkopers die niet zijn uitgesloten door Google’s Shopping Ads Policies. De eerste stap om te beginnen als verkoper is het creëren van een Google Merchant Center. Dit is heel eenvoudig: er is een Google-account nodig om aan te melden, gevolgd door het invoeren van je bedrijfsgegevens. Verkoop je al via Google Shopping, dan hoef je jezelf alleen nog maar aan te melden voor het programma ‘platforms van Google’. Google heeft al aangegeven dat merken die al reeds google shopping advertenties inzetten automatisch in aanmerking komen voor de organische shopping resultaten als ze zich aanmelden. Het is nog niet duidelijk hoe Google omgaat met CSS partners en adverteerders die gebruik maken van CSS diensten.

Ranking factoren van Google Organic Shopping

Het algoritme geeft producten een bepaalde score die bepaalt welke ranking een product heeft op de zoekresultatenpagina bij een zoekopdracht. Niemand weet precies welke algoritmische factoren het zijn omdat ze niet expliciet zijn gedefinieerd, net zoals bij het algoritme wat Google hanteert bij de zoekresultaten. Traditionele factoren zoals autoriteit (links) wegen minder zwaar dan e-commerce gedreven factoren. Het lijkt er op dat de rangschikking gedaan wordt op vijf hoofdelementen:

  1. Prijs en leveringsvoorwaarden van het product
  2. Relevantie van de content
  3. Productprestaties uit het verleden zoals CTR
  4. Positieve beoordelingen
  5. User experience en snelheid van de productpagina

Ik verwacht dat het organische algoritme gelijkwaardig zal zijn aan het algoritme van de betaalde google shopping advertenties, waarbij voortdurende datafeed optimalisaties altijd een positieve werking hadden op de performance. Op basis van de rankingfactoren licht ik in het volgende hoofdstuk een aantal mogelijkheden uit om je strategie aan te scherpen.

Wat is de strategie voor een optimaal resultaat?

Met de introductie van organic shopping is het belangrijker dan ooit om ervoor te zorgen dat de content in je datafeed en op productdetail pagina’s goed is geoptimaliseerd voor de best mogelijke ervaring en vindbaarheid. De organic shopping strategie bestaat uit drie hoofdonderdelen: productdata verrijking in je datafeed, user experience van de productpagina en dat je de nieuwe google shopping resultaten test en continu optimaliseert voor een betere performance. De strategie is ook verwerkt in een stappenplan waarbij datafeed & SEO acties gemarkeerd zijn in het groen, en data & analytics in het blauw.

1. Verrijken van productdata in je datafeed

Het doel is om de producten in je productfeed zo gedetailleerd te beschrijven, dat ze voldoen aan relevante zoekopdrachten. Net als bij het optimaliseren van organische search resultaten dien je er rekening mee houden dat als je de productdata in je datafeed aanpast, dit ook direct geldt voor de betaalde advertenties. Het is uitermate belangrijk om altijd vanuit de consument te denken en niet blind optimalisaties uit te voeren om enkel en alleen betere rankings te halen.

  • Optimaliseer je producttitel en beschrijving

Denk hierbij aan de standaard attributen als producttitels, beschrijvingen en afbeeldingen en zorg dat deze voldoen aan de SEO voorwaarden en dat ze klanten aanspreken.

  • Voeg zoveel mogelijk attributen toe ter relevantie voor de filters

Consumenten maken veelvuldig gebruik van filters. Zorg ervoor dat de productdata in je productfeed verrijkt is met relevante productattributen, zodat je producten zichtbaar blijven. Mocht een consument een filter aanklikken dat je product als attribuut niet in zich heeft, ben je niet meer zichtbaar. 

  • Controleer de feedkwaliteit in het Google Merchant Center

Afgekeurde producten laten staan in het Google Merchant center zorgt direct voor een lagere rating. Zorg dat je eventuele afkeuringen verhelpt of, als het niet anders kan, sluit afgekeurde producten uit in de feedmanagement tool.

  • Canonical URL’s toevoegen

Voeg bij elk product de canonical URL toe om kannibalisatie en fouten in de rapportage te voorkomen.

  • Optimaliseer afbeeldingen

Tekstuele content is van groot belang, maar wat minstens zo belangrijk is, is visuele content. Visuele content geeft tekst meer kracht, mensen onthouden en begrijpen het product beter en het is een stuk aantrekkelijker om naar te kijken. Het is wetenschappelijk bewezen dat mensen slechts acht seconden de focus hebben of aandacht geven voor het beoordelen van content of deze interessant genoeg is om het verder te bestuderen. Daarom is de inzet van visuele content zo belangrijk, want mensen zijn nou eenmaal visueel ingesteld en die acht seconden wil je dan echt goed benutten. 

Google geeft aan dat organische shopping listings sterk zullen leunen op Google Surfaces best practices. Voer beeldoptimalisaties door om de CTR te verhogen en hierdoor meer verkeer te genereren naar productpagina’s.  

Hieronder een aantal tips om je afbeeldingen te optimaliseren:

  1. Test naast standaard productfoto’s ook producten in een sfeerbeeld.
  2. Heb je meerdere kleuren van het product? Voeg de kleuren toe aan de afbeelding zodat de klant direct weet of zijn kleur beschikbaar is. 
  3. Vul de alt-tag van de afbeelding in. Dit beschrijft het product op de afbeelding en zorgt voor een betere vindbaarheid. 
  4. Zorg ervoor dat de bestandsnaam van het product overeenkomt met het product.
2. User experience en snelheid van de productpagina

Google kan naast de productfeed belangrijke productinformatie van de pagina scrapen om organic shopping resultaten te verrijken. Verder hecht Google veel waarde aan landingspagina’s die snel en goed bereikbaar zijn.

  • Structured data

Hoewel structured data momenteel niet gebruikt wordt voor organische shopping resultaten is het logisch om aan te nemen dat dat in de toekomst wel zal gebeuren. Implementeer de structured data product schema markup op je productpagina’s om Google naast de productfeed te voorzien van up to date informatie over de producten en eventuele prijsdalingen. Een aantal voordelen zijn:

  1. Google is eerder op de hoogte van product data wijzigingen zoals kortingen. Hierdoor zal je product altijd met de juiste informatie live staan.
  2. Product listings worden verrijkt met review sterren wat de CTR enorm verhoogd.
  3. Beschikbaarheid van het product komt terug in het productresultaat.
  4. Geef in het Google Merchant Center aan dat er structured data aanwezig is met prijs en voorraadinformatie
  • Snelheid van de pagina

Consumenten verwachten dat hun online ervaringen steeds frictielozer en sneller zijn. Daarnaast kan een lange laadtijd een negatieve invloed hebben op zowel organische als betaalde shopping resultaten. De gehele website ervaring speelt een rol bij de gebruikerservaring. Hoe beter de gebruikerservaring is hoe hoger de resultaten zullen ranken in het organische shopping gedeelte. Je kunt door middel van de Google tool lighthouse een audit doen op je landingspagina’s.

  • Prijs en prijsflexibiliteit

Google gebruikt voor de betaalde resultaten ‘prijs’ als belangrijke rankingfactor. Uiteraard heeft prijs een directe invloed op CTR, wat ook een factor is. Uit onderzoek is gebleken dat de kosten per order lager is als de aanbieder ook de laagste prijs kan aanbieden. Los van CTR ziet de goedkoopste aanbieder ook meer impressies. De verwachting is dat dit voor organische shopping resultaten ook zal gelden. De laagste prijs krijgt de meeste impressies toebedeeld vanuit de zoekmachine ondanks een eventueel lagere CPC. 

3. Organische shopping resultaten testen en optimaliseren

Het zoekgedrag van de consument kan mede door organische shopping resultaten veranderen, dus het is belangrijk dit te monitoren en de impact hiervan duidelijk te hebben. Je wilt de resultaten van de betaalde en niet-betaalde google shopping resultaten van elkaar scheiden zodat je de performance van beide kunt optimaliseren.

  • In het Merchant Center krijg je een apart overzicht met resultaten van zowel de advertenties en organische shopping resultaten. In dit overzicht staat onder andere het aantal klikken en de kwaliteit van de datafeed.
  • Je kunt in Google Analytics een nieuw kanaal (channel) aanmaken en UTM parameters toevoegen aan de URL om prestaties specifiek voor organische shopping inzichtelijk te maken. Gezamenlijk met de betaalde google shopping resultaten heb je dan een compleet overzicht. Je kunt hierdoor ook de goed analyseren hoe het aandeel betaald vs onbetaald is en wat voor impact bepaalde optimalisaties hebben op de performance.

Testen, leren en optimaliseren

Een krachtig fundament voor een paid search (SEA) strategie is een goed geïmplementeerde SEO strategie. Hetzelfde geldt nu ook voor Google Shopping. Het optimaliseren van je producten en datafeed is een continu proces van testen, leren en optimaliseren. Het is dus aan te raden regelmatig kpi’s zoals conversies, CTR en aantal bezoekers te bekijken om nieuwe optimalisatie kansen binnen de feed te ontdekken. Ik ben erg benieuwd naar de eerste resultaten en jullie bevindingen.

Over de auteur: Ted Hartkamp is digital strategy consultant bij Merkle Nederland.

In een wereld zonder third-party data kun je niet meer zonder Customer Data Platform (CDP)

Door verschillende wijzigingen in de privacywetgeving en updates van de grote browsers bevinden marketeers zich in één van de grootste verschuivingen binnen online marketing: third-party cookies, de brandstof achter vele online marketingcampagnes sinds 1994. En dit bestaat straks niet meer. Een verandering met veel impact, prangende vragen en nerveuze marketeers. Een verandering die echter niet uit kon blijven door het steeds luider wordende geschreeuw van de privacy bewuste consumenten. En een verandering die wellicht meer mogelijkheden biedt dan velen verwachten. Hoe dan ook, dit wordt de nieuwe realiteit, of je er klaar voor bent of niet. Eén groep is er zeker klaar voor en die staan dus ook te springen om deze veranderingen: de aanbieders van Customer Data Platforms (CDP). Waarom het CDP zo’n grote rol gaat spelen in de online marketing wereld zonder third-party data en wat je er als marketeer mee kunt doen, lees je in dit artikel. 

Het einde van een (stenen) tijdperk

De ondergang van de third-party cookies zit er al een lange tijd aan te komen en is allang geen geheim meer. Google heeft dit jaar aangekondigd vanaf 2022 geen third party cookies meer te ondersteunen, terwijl browsers als Safari en Firefox third-party cookies standaard blokkeren. 

De belangrijkste redenen hiervoor zijn het gebrek aan vertrouwen bij de consument en de behoefte om te begrijpen en te controleren wat er met persoonlijke data gebeurd. De consument wil haar eigen data weer bezitten. Marketeers deden niet zoveel met deze behoefte, waardoor tech-bedrijven nu zelf met oplossingen komen. Meer informatie over het einde van third-party data is te vinden in dit artikel

De oneindige behoefte aan data

Er zijn drie typen data: first-party, second-party en third-party. First-party data is de data die je bedrijf direct heeft verkregen van individuen. Iedere identificatie die je weet te verkrijgen van websitebezoekers, e-mail ontvangers, social media volgers, advertentieklikkers en anderen die offline en online interactie hebben met je merk, dat is first-party data. 

Second-party data wordt gekocht van een ander bedrijf dat mogelijk interessante gegevens voor je beschikbaar heeft. Wanneer jij van bedrijf X een klantenlijst koopt, dan is dit second-party data.

Third-party data wordt verkocht door bedrijven die gespecialiseerd zijn in het verzamelen van data van consumenten, en die dit ook doorverkopen aan alle partijen die daar interesse in hebben. Dit is bijvoorbeeld de data die gebruikt wordt in Facebook Campaign Manager en Google Ads. 

Verleg je horizon

Nu het einde van third-party cookies (en daarmee third-party data) in zicht is, zijn marketeers genoodzaakt elders te kijken om relevante en gepersonaliseerde marketing campagnes te kunnen opzetten. Marketeers hoeven echter niet te lang te treuren, want de oplossing voor hun probleem bevindt zich veel dichter bij huis dan gedacht! Deze oplossing komt met haar eigen uitdagingen, maar het overwinnen daarvan zorgt voor de opening van een hele nieuwe wereld. Hierin zal first-party data als belangrijkste brandstof voor campagnes straks niet meer weg te denken zijn. 

Een oude bekende als oplossing?

De toegevoegde waarde van first-party data voor adverteren is al veel langer bekend en first-party data op zich wordt dan ook algemeen beschouwd als de meest waardevolle vorm van data die een organisatie kan bezitten. Doordat deze data direct van je gebruikers en klanten afkomstig is, is het enorm relevant, en doordat het direct van de bron (de gebruiker) afkomstig is en er geen derde partijen tussen zitten, is het tevens betrouwbaarder en accurater. Bedrijven kunnen first-party data gebruiken om meer te leren over de interesses, voorkeuren, karakteristieken en het gedrag van hun gebruikers. Deze informatie kan gebruikt worden om toekomstig klantgedrag te voorspellen, targeting te verbeteren, marketing campagnes succesvoller te maken en om te  personaliseren. Goede marketeers zullen ongetwijfeld al inzien dat first-party data aan de basis staat van succesvolle marketingprogramma’s. 

Groter belang

First-party data was dus al een belangrijke asset voor marketeers, maar door het verdwijnen van third-party data wordt dit belang alleen maar groter. Enkele voordelen waarom first-party data nu al zo belangrijk is voor bedrijven die het goed weten in te zetten:

  • Door het naderende einde van third-party cookies is first-party data nu de beste manier om gebruikers en klanten te tracken en targeten;
  • Bij third-party data bestaat altijd de twijfel of de bron wel betrouwbaar is. First-party data beheert een organisatie zelf en daarom kan men zelf bepalen hoe betrouwbaar dit is; 
  • Het goed beheren van first-party data maakt het mogelijk om vergaande doelgroep analyses te maken en daar relevante inzichten uit te vergaren; 
  • Deze inzichten kunnen op hun beurt weer gebruikt worden om effectieve en efficiënte marketing campagnes op te zetten via verschillende kanalen; 
  • Marketing campagnes kunnen met aanvulling van first-party data vele malen persoonlijker opgezet worden; 
  • De customer journey kan in kaart gebracht worden.
Nadelen aan first-party

Als first-party data zoveel voordelen heeft, kun je je afvragen waarom third-party data überhaupt nog zo belangrijk gebleven is. Dit komt omdat er ook nadelen aan first-party data kleven. Allereerst kost het tijd om te verzamelen. Logischerwijs moeten gebruikers eerst een interactie hebben met je organisatie om data te genereren, en moeten ze toestemming geven om deze data op te laten slaan. Eenmaal verzameld staat first-party data vaak verspreid over verschillende systemen, waardoor er onvolledige profielen ontstaan met losse interacties van gebruikers en klanten. Dit samenbrengen in bijvoorbeeld een datawarehouse is interessant voor analyses, maar dit helpt marketeers niet meteen om hun campagnes effectiever en efficiënter in te zetten. De data moet ook ingezet kunnen worden om de juiste personen met de juiste boodschap te bereiken, en dat gaat niet met een datawarehouse. Het niet voorhanden hebben van technologie die dit wél kan is een van de redenen waarom marketeers first-party data nog niet optimaal weten in te zetten. Maar dat deze technologie niet voorhanden is, betekent niet dat deze niet bestaat… 

Het afbreken van data silo’s

First-party data is dus vaak verspreid opgeslagen: aankoopdata van een gebruiker staat in het ene systeem, contactgegevens staan in het andere systeem en data over het website gedrag staat in wéér een ander systeem. Om maximaal rendement te halen uit de beschikbare data is het noodzakelijk dat al deze losse datapunten aan elkaar worden gekoppeld, worden opgeschoond en worden getransformeerd, zodat unieke klantprofielen ontstaan. Deze gebundelde informatie in de vorm van het klantprofiel kan daarna ingezet worden voor marketingcampagnes. Wanneer je als marketeer geen gebruikt maakt van een volledig klantprofiel, heb je de puzzel niet compleet. Dit gaan ten koste van de effectiviteit van je campagnes. Het stukje technologie waarmee de data silo’s worden doorbroken? Dat is het Customer Data Platform (CDP). 

De noodzaak voor nieuwe technologie

Het ontbreken van een CDP is datgene wat marketeers er nu nog van weerhoudt om meer te doen met first-party data. Een CDP is niet per se een standalone systeem, maar eerder een collectie van capabilities en tools. Vaak staat in deze collectie, naast bijvoorbeeld bestaande cloud oplossingen, een kant-en-klaar systeem dat snel in gebruik genomen kan worden. Dit systeem creëert van alle individuele databronnen een uniforme klantendatabase met daarin unieke klantprofielen waarin realtime business rules worden toegepast. Denk hierbij bijvoorbeeld aan transactiedata, website gedrag, mobiele app gedrag en CRM data. Deze data wordt beschikbaar gesteld aan alle andere systemen die van deze data gebruik willen maken, door middel van de vele connectors die vaak aanwezig zijn. Dit klinkt misschien erg technisch, maar in vergelijking met andere systemen is een CDP relatief eenvoudig in gebruik. 

Waarom juist een CDP het verschil gaat maken

Het samenvoegen van data is één ding. Er daadwerkelijk gebruik van kunnen maken voor marketingcampagnes is iets anders. Het CDP is weliswaar de verzamelplaats, maar over het algemeen wordt hier geen marketing uitgevoerd. Wel kun je in een CDP op basis van de unieke klantprofielen specifieke doelgroepen aanmaken, die beschikbaar gesteld worden aan andere systemen. Denk bijvoorbeeld aan een doelgroep met frequente kopers. Vervolgens wordt via één van de vele beschikbare connecties, de doelgroep gedeeld met je gewenste marketing technologieën, waardoor je ze in kunt zetten voor bijvoorbeeld je e-mails, betaalde advertenties (onder andere via Google en Facebook) en het personaliseren van je website. Zo kun je over al die verschillende kanalen een uniforme en persoonlijke gebruikerservaring leveren, zonder afhankelijk te zijn van data die slechts in één individueel systeem beschikbaar is. 

Real-time

Het is belangrijk om te begrijpen dat de data waar een CDP mee werkt real-time is. Nadat de klant een bestelling heeft geplaatst, wil je hem of haar niet langer de advertenties uitserveren met het zojuist gekochte product. Een CDP maakt dit mogelijk. Dit biedt een belangrijk voordeel ten opzichte van het gebruik van bijvoorbeeld spreadsheets of een datawarehouse, waarin data vaak op vastgezette tijdstippen opgehaald wordt. Voor marketeers is deze real-time data van een CDP essentieel voor effectieve marketing. 

Privacy en gemak met een CDP

Hoewel je het niet meteen zou verwachten, is een CDP een uitstekend instrument om de gegevens van mensen te beschermen. Dit klinkt enigszins ironisch, maar het blijkt dat niet alleen marketeers behoefte hebben aan één enkel uniform overzicht van alle klanten en gebruikers. Privacyfunctionarissen staan ook te springen om zo’n overzicht. Zij moeten ervoor zorgen dat de organisatie aan de privacyregelgevingen voldoet. Dit gaat een stuk gemakkelijker als ze dezelfde persoon in één systeem kunnen vinden en niet hoeven te zoeken in een zee van verschillende gegevensbronnen en systemen, ieder met een fractie van de data van een individu. Door het koppelen van de verschillende bronnen tot unieke klantprofielen, kunnen de privacy voorkeuren van klanten over alle kanalen uniform worden afgedwongen en wordt het leven van privacyfunctionarissen een stuk prettiger. 

Scala aan mogelijkheden

Een CDP is heel flexibel, en daarom is er is een enorm scala aan mogelijkheden voor use cases, maar hierbij een greep uit de (eerder genoemde) use cases:

  • Samenvoegen van online en offline interacties, waardoor je de volledige klantreis in beeld brengt;
  • Personaliseren van de website op basis van de doelgroepen;
  • Voorspellen van toekomstig klantgedrag;
  • Productaanbevelingen op basis van eerdere aankopen;
  • Automatiseren van omnichannel activiteiten;
  • Versturen van gepersonaliseerde emails;
  • Advertenties plaatsen voor relevante doelgroepen.
Ideaal instrument 

De bovenstaande beschreven flexibiliteit, het samenvoegen van verschillende databronnen tot unieke klantprofielen en het real-time in kunnen zetten van deze klantprofielen over al je verschillende marketingkanalen, maken CDPs het ideale instrument voor marketeers om maximaal rendement te halen uit de first-party data waar de organisatie over beschikt. Third-party data is binnenkort geen optie meer, en juist daarom is het belangrijk om je overige data optimaal te benutten.

Dit is hét moment om te veranderen 

Zoals een befaamd voetballer ooit zei: “Ieder nadeel heb z’n voordeel”. Het advies luidt daarom om ook op deze manier naar de huidige ontwikkelingen te kijken. De ondergang van third-party data leidt zonder meer tot vele nadelen voor marketeers, maar juist ook tot voordelen en kansen voor partijen die bereidt zijn om te investeren in, én het maken van de veranderingen die nodig zijn om succesvol te acteren op dit nieuwe speelveld. Dit is hét moment om een voorsprong te nemen op de concurrentie en de consument nog beter te bedienen. 

Als je organisatie één van die partijen wil zijn, is het van belang om ervoor te zorgen dat je vandaag nog de stappen zet die het mogelijk maken om first-party data optimaal te benutten en je klanten en gebruikers de persoonlijke ervaring te bieden die ze verdienen. Denk na over welke data je in wilt gaat zetten en waarom, en ga vanaf daar op zoek naar een CDP die aansluit bij de behoeften van je organisatie. Dat is een investering die zichzelf dubbel en dwars terugverdient.

Over de auteur: Jeffrey Buik is data, tech & optimization consultant bij Merkle Nederland.

Bedrijfsupdates tijdens corona: zo blijf je zichtbaar in Google

Nu we middenin de coronacrisis zitten en we voorlopig ook nog steeds met de beperkende maatregelen hebben te maken, hebben veel bedrijven het moeilijk. We weten niet hoe lang de situatie nog zo blijft. Als er op een bepaald moment nieuwe ontwikkelingen zijn, zoals een versoepeling van de maatregelen, dan wil je natuurlijk zo snel […]

Google en Apple verbeteren beveiliging van coronavirus-oplossing

Google en Apple gaan hun oplossing voor corona-apps aanpassen, waardoor de privacy verbetert. Door willekeurige sleutels op het toestel te genereren en de afstandsmeting aan te passen moeten de metingen nauwkeuriger zijn en blijven de data van gebruikers beter beschermd.

Het artikel Google en Apple verbeteren beveiliging van coronavirus-oplossing verscheen voor het eerst op iCulture

Een spoedcursus Google Analytics om (nog) meer uit je website te halen

In tijden waarin we zijn aangewezen op digitale kanalen, is het zaak deze te optimaliseren en maximaal te benutten. Dit artikel helpt je op weg bij de belangrijkste eerste stappen in data-driven werken. Een spoedcursus Google Analytics om (nog) meer uit je website te halen.

Naar data kijken is iets waarmee ik ben opgegroeid. Maar voor veel ondernemers, marketeers en strategen is er nog steeds een drempel om naar data te kijken. Juist nu, in een tijd van versnelde digitalisering, is het belangrijk om te weten wat er op je website gebeurt. Ik ben van mening dat iedereen die op een of andere manier verantwoordelijk is voor een website, de basisbeginselen van Google Analytics moet begrijpen en hier minimaal een keer per week aandacht aan zou moeten besteden.

Om de drempel weg te nemen en je op weg te helpen in de wereld van data, geef ik je in dit artikel een introductie van Google Analytics. Vaak geef ik zo’n introductie in de vorm van een workshop. Mijn advies bij het lezen van dit artikel is dan ook: open je eigen Analytics-omgeving, kies de juiste weergave en volg onderstaande stappen. Kijk jij al structureel naar data en weet je precies welk rapport je moet openen in Google Analytics? Dan is dit artikel voor je overbodig. Ik leg namelijk de verschillende basisrapporten uit en, nog belangrijker, hoe je context geeft aan deze data. De handleiding is geschikt voor iedere beginner, of je nu voor een klein of groot bedrijf werkt en in welke branche je dan ook werkzaam bent. De stappen helpen je op weg in een datagedreven manier van denken.

Aan de slag

Voordat je overvallen wordt door alle data die Google Analytics beschikbaar stelt, raad ik je altijd aan eerst een hypothese op te stellen. Laten we in dit geval echter exploratief onderzoek doen. We weten namelijk nog niet wat we in de data gaan vinden. Het doel voor nu is ideeën opdoen en verkennen. De stappen zoals inloggen en de juiste dataweergave selecteren sla ik even over: daarover kun je hier meer informatie vinden. De Google Analytics-homepage waarop je na inloggen terechtkomt, kun je overslaan. De standaardinformatie in dit overzicht is beperkt. In deze stappen focussen we ons op de rapporten onder Doelgroep, Acquisitie en Gedrag.

 

Schrik niet van een hogere bounce rate voor pagina’s vanuit social media, een blogartikel of de contactpagina.

 

Rapport: Doelgroep – Overzicht

In de linkerkolom vind je via Doelgroep en dan Overzicht het rapport ‘Doelgroepoverzicht’. Hier vind je informatie over de gebruiker. De grafiek toont het verloop van het aantal gebruikers, daaronder staan de belangrijkste variabelen. Een gebruiker is één unieke bezoeker. Een sessie is één ‘bezoek’ aan je website. Als jij twee keer in één week (met hetzelfde apparaat) dezelfde website bezoekt, dan zijn dat twee sessies van één gebruiker. Een paginaweergave in Google Analytics staat voor iedere keer dat een bezoeker een pagina op je website opent.

Wat kun je met deze informatie over het aantal gebruikers? De eerste stap om de data goed te begrijpen is om de cijfers in context van tijd te plaatsen. Maak daarom een vergelijking over een langere periode. Vergelijk bijvoorbeeld de eerste drie maanden van dit jaar ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Hiervoor ga je rechtsboven naar de datumweergave, selecteer je in de kalender de eerste drie maanden van dit jaar en vergelijk je deze met ‘vorig jaar’ door dit te selecteren in het dropdown-lijstje. Er zijn drie mogelijke uitkomsten:

  1. Grote stijging: een toename van meer dan vijf procent
  2. Stabiele situatie: een verschil kleiner dan vijf procent
  3. Grote daling: een afname van meer dan vijf procent

Vraag jezelf altijd af waarom je verandering ziet in de cijfers. In Google Analytics kun je doorklikken vanuit de algemene weergaven naar steeds meer specifieke gegevens. Ook de grafieken geven je veel informatie over de effecten van online activiteiten. Heb je bijvoorbeeld een nieuwsbrief verstuurd of social post geplaatst, dan zie je waarschijnlijk een piek in de grafiek. Doe je al langer hetzelfde en zie je een terugloop in gebruikers? Probeer dan eens iets nieuws, optimaliseer je boodschap of verander je aanpak. Om verder te kijken naar waarom het aantal gebruikers stijgt of daalt, kunnen de volgende rapporten je helpen.

Rapport: Doelgroep – Technologie – Browser en besturingssysteem

In dit rapport zie je met welke browsers mensen je website bezoeken. Deze informatie kun je gebruiken om te zien of er misschien iets niet helemaal goed werkt in een bepaalde browser. Zie je een sterke terugloop in bezoeken via een browser? Test dan waar mogelijk zelf of er zaken misgaan in die browser. Er zijn fijne extensies die je hierbij kunnen helpen zonder dat je een oude browserversie hoeft te downloaden, zoals deze extensie voor Google Chrome.

Rapport: Doelgroep – Mobiel – Overzicht

Hier zie je hoeveel gebruikers je website hebben bezocht met welk soort apparaat: mobiel, desktop en tablet. Waarschijnlijk neemt je traffic op mobiel over de tijd toe, ten koste van tablet en desktop. Zie je opeens een terugval in bezoekers via een van de apparaten? Mogelijk is je website niet responsive na een update van je website of een gedeelte van je website. Het kan zijn dat een formulier of button dan bijvoorbeeld niet meer goed werkt.

Rapport: Acquisitie – Alle verkeer – Kanalen

Dit is een van de belangrijkste rapporten in Google Analytics. Hierin vind je terug waar je bezoekers vandaan komen. Het bezoek kan in acht verschillende groepen ingedeeld worden (alleen zichtbaar als je ook daadwerkelijk van het kanaal gebruikmaakt):

  1. Direct: bezoekers die op je website terechtkomen door de URL direct in de browser in te voeren. Direct verkeer kan ook verwijzen naar bezoekers die hebben geklikt op links in hun bookmarks/favorieten, of op niet-getagde links in bijvoorbeeld mails of documenten.
  2. Organisch: bezoekers die via een zoekmachine (in de meeste gevallen Google) op je website terechtkomen.
  3. Betaald zoekverkeer: hieronder vallen de Google Ads- en Bing-campagnes, maar ook je Facebook- en LinkedIn-advertentiecampagnes.
  4. Verwijzend (referral): bezoekers die via een link op een andere website op je website binnenkomen.
  5. Social media: bezoekers vanuit social media.
  6. E-mail: bezoekers vanuit e-mails die van je afkomstig zijn.
  7. Display: bezoekers vanuit je display-campagnes.
  8. Overig: een bak met de ‘rest’ waarvan Google Analytics niet het juiste kanaal kan classificeren.
Terugval

Dit rapport is belangrijk omdat het inzicht geeft in het succes van je online activiteiten. Zie je een terugval bij een bepaald kanaal? Klik dan op het betreffende kanaal om dieper in de data te kijken en de oorzaak hiervan te achterhalen. Richt je bij deze vraag alleen op de kanalen die het grootste deel van je bezoek genereren; meestal zijn dat er drie à vier.

Een paar andere ‘good to knows’: bezoek vanuit social media blijft in de regel kort op je website en genereert dus weinig pageviews. Daarnaast zijn de inzichten vanuit organisch bezoek beperkt. Als je daarop doorklikt, zie je staan ‘not provided’. Helaas heb je andere tools zoals Google Search Console of Ahrefs nodig om goed inzicht te krijgen in zoektermen waarmee de bezoeker vanuit zoekmachines op je website komt. Verstuur je veel e-mails? Maak dan gebruik van UTM-codes. Meer informatie daarover lees je hier.

Rapport: Gedrag – Site-content – Alle pagina’s

Tot slot wil ik in deze starterscursus stilstaan bij het rapport ‘Pagina’s’. Hier krijg je gevoel bij de populariteit van je pagina’s. Er zit altijd wel een verrassing in. Naast de homepage, contactpagina en items van je hoofdnavigatie, zit er vrijwel altijd een pagina tussen die je niet had verwacht, zoals een oude vacature, een blogpost met historisch veel views of een landingspagina waarvan je je niet bewust bent. Een paar tips om door het rapport heen te werken:

  1. Met een top tien kun je nog niet zoveel. Vergroot daarom je selectie tot maximaal vijftig pagina’s (rechtsonder de tabel via ‘Rijen weergeven’).
  2. Een unieke paginaweergave wordt alleen tijdens dezelfde sessie geteld. Dus bekijkt een bezoeker tijdens één sessie meerdere pagina’s, dan wordt dit gezien als één unieke paginaweergave. Mijn advies nu is om gewoon naar de kolom ‘Paginaweergaven’ te kijken.
  3. De gemiddelde tijd op een pagina is de totale tijd die op een pagina wordt doorgebracht. Dit wordt alleen gemeten als binnen dezelfde sessie een andere pagina geopend wordt. Staar je hier niet blind op. Wees je ervan bewust dat mensen vaak slecht lezen en ongeduldig zijn. Hierdoor zal de tijd-op-pagina vaak één à twee minuten zijn; voor een blogartikel of vacature vaak wat hoger.
  4. Het instappunt is een interessante variabele om te bekijken. Dit is het startpunt van de bezoeker op je website. Vaak is dit de homepage. Bekijk ook eens welke pagina daarna komt door op de informatie in deze kolom te sorteren (klik op de kolomkop). Loop de content van de toppagina’s nog eens kritisch door op teksten, visuals, foutjes of andere relevante zaken.
  5. Op paginaniveau is het interessant om naar de bounce rate te kijken. Een bounce is een sessie waarbij slechts één pagina van je site wordt geladen. Met andere woorden: een bezoeker komt op je website en verlaat je website meteen weer na het lezen van één pagina. Er is veel discussie over wat een goede bounce rate is. Ik adviseer een bounce rate van maximaal veertig procent te hanteren voor pagina’s als de homepage. Het is normaal dat pagina’s vanuit social, een blogartikel of een contactpagina een hogere bounce rate hebben. In die gevallen heeft een bezoeker een duidelijk doel en verlaat in de regel, na het bereiken van dat doel, snel je website.

Naast Google Analytics zijn er andere pakketten voor data-analyse, zoals Piwik PRO. Dit is een betaalde tool die vaak gebruikt wordt door (semi-)overheidsinstellingen en zorginstellingen vanuit privacyoverwegingen, omdat je de opslag van data dan in eigen beheer hebt. In dit artikel lag de focus op Google Analytics. En ook al hebben we in deze spoedcursus slechts 5 van de 72 rapporten besproken; deze verschaffen al genoeg data om je website te analyseren en handvatten te geven voor optimalisatie.

Over de auteur: Stefan Fabbro is head of digital marketing bij Hoppinger.

Een spoedcursus Google Analytics om (nog) meer uit je website te halen

In tijden waarin we zijn aangewezen op digitale kanalen, is het zaak deze te optimaliseren en maximaal te benutten. Dit artikel helpt je op weg bij de belangrijkste eerste stappen in data-driven werken. Een spoedcursus Google Analytics om (nog) meer uit je website te halen.

Naar data kijken is iets waarmee ik ben opgegroeid. Maar voor veel ondernemers, marketeers en strategen is er nog steeds een drempel om naar data te kijken. Juist nu, in een tijd van versnelde digitalisering, is het belangrijk om te weten wat er op je website gebeurt. Ik ben van mening dat iedereen die op een of andere manier verantwoordelijk is voor een website, de basisbeginselen van Google Analytics moet begrijpen en hier minimaal een keer per week aandacht aan zou moeten besteden.

Om de drempel weg te nemen en je op weg te helpen in de wereld van data, geef ik je in dit artikel een introductie van Google Analytics. Vaak geef ik zo’n introductie in de vorm van een workshop. Mijn advies bij het lezen van dit artikel is dan ook: open je eigen Analytics-omgeving, kies de juiste weergave en volg onderstaande stappen. Kijk jij al structureel naar data en weet je precies welk rapport je moet openen in Google Analytics? Dan is dit artikel voor je overbodig. Ik leg namelijk de verschillende basisrapporten uit en, nog belangrijker, hoe je context geeft aan deze data. De handleiding is geschikt voor iedere beginner, of je nu voor een klein of groot bedrijf werkt en in welke branche je dan ook werkzaam bent. De stappen helpen je op weg in een datagedreven manier van denken.

Aan de slag

Voordat je overvallen wordt door alle data die Google Analytics beschikbaar stelt, raad ik je altijd aan eerst een hypothese op te stellen. Laten we in dit geval echter exploratief onderzoek doen. We weten namelijk nog niet wat we in de data gaan vinden. Het doel voor nu is ideeën opdoen en verkennen. De stappen zoals inloggen en de juiste dataweergave selecteren sla ik even over: daarover kun je hier meer informatie vinden. De Google Analytics-homepage waarop je na inloggen terechtkomt, kun je overslaan. De standaardinformatie in dit overzicht is beperkt. In deze stappen focussen we ons op de rapporten onder Doelgroep, Acquisitie en Gedrag.

 

Schrik niet van een hogere bounce rate voor pagina’s vanuit social media, een blogartikel of de contactpagina.

 

Rapport: Doelgroep – Overzicht

In de linkerkolom vind je via Doelgroep en dan Overzicht het rapport ‘Doelgroepoverzicht’. Hier vind je informatie over de gebruiker. De grafiek toont het verloop van het aantal gebruikers, daaronder staan de belangrijkste variabelen. Een gebruiker is één unieke bezoeker. Een sessie is één ‘bezoek’ aan je website. Als jij twee keer in één week (met hetzelfde apparaat) dezelfde website bezoekt, dan zijn dat twee sessies van één gebruiker. Een paginaweergave in Google Analytics staat voor iedere keer dat een bezoeker een pagina op je website opent.

Wat kun je met deze informatie over het aantal gebruikers? De eerste stap om de data goed te begrijpen is om de cijfers in context van tijd te plaatsen. Maak daarom een vergelijking over een langere periode. Vergelijk bijvoorbeeld de eerste drie maanden van dit jaar ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Hiervoor ga je rechtsboven naar de datumweergave, selecteer je in de kalender de eerste drie maanden van dit jaar en vergelijk je deze met ‘vorig jaar’ door dit te selecteren in het dropdown-lijstje. Er zijn drie mogelijke uitkomsten:

  1. Grote stijging: een toename van meer dan vijf procent
  2. Stabiele situatie: een verschil kleiner dan vijf procent
  3. Grote daling: een afname van meer dan vijf procent

Vraag jezelf altijd af waarom je verandering ziet in de cijfers. In Google Analytics kun je doorklikken vanuit de algemene weergaven naar steeds meer specifieke gegevens. Ook de grafieken geven je veel informatie over de effecten van online activiteiten. Heb je bijvoorbeeld een nieuwsbrief verstuurd of social post geplaatst, dan zie je waarschijnlijk een piek in de grafiek. Doe je al langer hetzelfde en zie je een terugloop in gebruikers? Probeer dan eens iets nieuws, optimaliseer je boodschap of verander je aanpak. Om verder te kijken naar waarom het aantal gebruikers stijgt of daalt, kunnen de volgende rapporten je helpen.

Rapport: Doelgroep – Technologie – Browser en besturingssysteem

In dit rapport zie je met welke browsers mensen je website bezoeken. Deze informatie kun je gebruiken om te zien of er misschien iets niet helemaal goed werkt in een bepaalde browser. Zie je een sterke terugloop in bezoeken via een browser? Test dan waar mogelijk zelf of er zaken misgaan in die browser. Er zijn fijne extensies die je hierbij kunnen helpen zonder dat je een oude browserversie hoeft te downloaden, zoals deze extensie voor Google Chrome.

Rapport: Doelgroep – Mobiel – Overzicht

Hier zie je hoeveel gebruikers je website hebben bezocht met welk soort apparaat: mobiel, desktop en tablet. Waarschijnlijk neemt je traffic op mobiel over de tijd toe, ten koste van tablet en desktop. Zie je opeens een terugval in bezoekers via een van de apparaten? Mogelijk is je website niet responsive na een update van je website of een gedeelte van je website. Het kan zijn dat een formulier of button dan bijvoorbeeld niet meer goed werkt.

Rapport: Acquisitie – Alle verkeer – Kanalen

Dit is een van de belangrijkste rapporten in Google Analytics. Hierin vind je terug waar je bezoekers vandaan komen. Het bezoek kan in acht verschillende groepen ingedeeld worden (alleen zichtbaar als je ook daadwerkelijk van het kanaal gebruikmaakt):

  1. Direct: bezoekers die op je website terechtkomen door de URL direct in de browser in te voeren. Direct verkeer kan ook verwijzen naar bezoekers die hebben geklikt op links in hun bookmarks/favorieten, of op niet-getagde links in bijvoorbeeld mails of documenten.
  2. Organisch: bezoekers die via een zoekmachine (in de meeste gevallen Google) op je website terechtkomen.
  3. Betaald zoekverkeer: hieronder vallen de Google Ads- en Bing-campagnes, maar ook je Facebook- en LinkedIn-advertentiecampagnes.
  4. Verwijzend (referral): bezoekers die via een link op een andere website op je website binnenkomen.
  5. Social media: bezoekers vanuit social media.
  6. E-mail: bezoekers vanuit e-mails die van je afkomstig zijn.
  7. Display: bezoekers vanuit je display-campagnes.
  8. Overig: een bak met de ‘rest’ waarvan Google Analytics niet het juiste kanaal kan classificeren.
Terugval

Dit rapport is belangrijk omdat het inzicht geeft in het succes van je online activiteiten. Zie je een terugval bij een bepaald kanaal? Klik dan op het betreffende kanaal om dieper in de data te kijken en de oorzaak hiervan te achterhalen. Richt je bij deze vraag alleen op de kanalen die het grootste deel van je bezoek genereren; meestal zijn dat er drie à vier.

Een paar andere ‘good to knows’: bezoek vanuit social media blijft in de regel kort op je website en genereert dus weinig pageviews. Daarnaast zijn de inzichten vanuit organisch bezoek beperkt. Als je daarop doorklikt, zie je staan ‘not provided’. Helaas heb je andere tools zoals Google Search Console of Ahrefs nodig om goed inzicht te krijgen in zoektermen waarmee de bezoeker vanuit zoekmachines op je website komt. Verstuur je veel e-mails? Maak dan gebruik van UTM-codes. Meer informatie daarover lees je hier.

Rapport: Gedrag – Site-content – Alle pagina’s

Tot slot wil ik in deze starterscursus stilstaan bij het rapport ‘Pagina’s’. Hier krijg je gevoel bij de populariteit van je pagina’s. Er zit altijd wel een verrassing in. Naast de homepage, contactpagina en items van je hoofdnavigatie, zit er vrijwel altijd een pagina tussen die je niet had verwacht, zoals een oude vacature, een blogpost met historisch veel views of een landingspagina waarvan je je niet bewust bent. Een paar tips om door het rapport heen te werken:

  1. Met een top tien kun je nog niet zoveel. Vergroot daarom je selectie tot maximaal vijftig pagina’s (rechtsonder de tabel via ‘Rijen weergeven’).
  2. Een unieke paginaweergave wordt alleen tijdens dezelfde sessie geteld. Dus bekijkt een bezoeker tijdens één sessie meerdere pagina’s, dan wordt dit gezien als één unieke paginaweergave. Mijn advies nu is om gewoon naar de kolom ‘Paginaweergaven’ te kijken.
  3. De gemiddelde tijd op een pagina is de totale tijd die op een pagina wordt doorgebracht. Dit wordt alleen gemeten als binnen dezelfde sessie een andere pagina geopend wordt. Staar je hier niet blind op. Wees je ervan bewust dat mensen vaak slecht lezen en ongeduldig zijn. Hierdoor zal de tijd-op-pagina vaak één à twee minuten zijn; voor een blogartikel of vacature vaak wat hoger.
  4. Het instappunt is een interessante variabele om te bekijken. Dit is het startpunt van de bezoeker op je website. Vaak is dit de homepage. Bekijk ook eens welke pagina daarna komt door op de informatie in deze kolom te sorteren (klik op de kolomkop). Loop de content van de toppagina’s nog eens kritisch door op teksten, visuals, foutjes of andere relevante zaken.
  5. Op paginaniveau is het interessant om naar de bounce rate te kijken. Een bounce is een sessie waarbij slechts één pagina van je site wordt geladen. Met andere woorden: een bezoeker komt op je website en verlaat je website meteen weer na het lezen van één pagina. Er is veel discussie over wat een goede bounce rate is. Ik adviseer een bounce rate van maximaal veertig procent te hanteren voor pagina’s als de homepage. Het is normaal dat pagina’s vanuit social, een blogartikel of een contactpagina een hogere bounce rate hebben. In die gevallen heeft een bezoeker een duidelijk doel en verlaat in de regel, na het bereiken van dat doel, snel je website.

Naast Google Analytics zijn er andere pakketten voor data-analyse, zoals Piwik PRO. Dit is een betaalde tool die vaak gebruikt wordt door (semi-)overheidsinstellingen en zorginstellingen vanuit privacyoverwegingen, omdat je de opslag van data dan in eigen beheer hebt. In dit artikel lag de focus op Google Analytics. En ook al hebben we in deze spoedcursus slechts 5 van de 72 rapporten besproken; deze verschaffen al genoeg data om je website te analyseren en handvatten te geven voor optimalisatie.

Over de auteur: Stefan Fabbro is head of digital marketing bij Hoppinger.

Page generated in 1.160 seconds. Stats plugin by www.blog.ca